Krantenredacteur wordt blogger
Introductie van de nrc.next-bloggers, deel I
Elke dag een deadline. Drie jaar geleden, toen ik begon aan mijn eerste baan als buitenlandredacteur bij de toen gloednieuwe krant nrc.next, vond ik dat: vrij vaak.
Tijdens avonddiensten schreef ik berichten over buitenlands nieuws. Dat kwam dan bijvoorbeeld uit de Verenigde Staten waar de werkdag om 15:00 onze tijd begint. Bij groot nieuws gooide ik de pagina’s een uur voor deadline om. Ik las wat de persbureaus en Amerikaanse nieuwssites meldden, kortte een bericht van driehonderd woorden in tot vijftig, zodat ik plek had om in sneltreinvaart driehonderd nieuwe woorden te tikken. Tijd om naar de wc te gaan of koffie te halen was er niet - high van de adrenaline stuiterde ik om half twaalf ‘s avonds naar huis.
Het wende. Zodanig zelfs dat ik de laatste tijd zonder adrenalinevergiftiging pagina’s maakte, hoe groot het nieuws ook was. En steeds meer tijd kreeg om zelf verhalen te schrijven die vaak over de wereld op het web gingen. Toen vroeg mijn chef: wil jij gaan bloggen op nrcnext.nl?
Dat wilde ik wel: een nieuwe uitdaging. De krant is de krant en op het web wilden we iets anders proberen.
Iets anders, dat is: waar heb je op internet wat aan?
Als er in de VS iets belangrijks gebeurt, maken we dan zelf zo veel mogelijk nieuws-updates of zijn verwijzingen naar de best geïnformeerde Amerikaanse nieuwssites en -blogs voor het eerste moment eigenlijk veel nuttiger? Melden we wat Amerikaanse Congresleden op Twitter zeggen of beginnen we zelf een livechat?
Iets anders, dat is ook: iets korter. Driehonderd woorden is voor in een krant best weinig en voor op een blog best veel.
Ja, en die deadline, die is ook iets anders. Niks één keer per dag, vanavond laat. De deadline is er vanaf nu altijd. Nu.


