Chemische stoffen testen: 54 miljoen dode proefdieren
Een rekenfoutje van de EU: 46 miljoen dode dieren extra
Alkylfenolen, broomhoudende vlamvertragers, ftalaten en synthetische musken. Het is maar een greep uit de schadelijke chemicaliën, afkomstig van de chemische industrie, die iedereen in zijn bloed heeft zitten. Je krijgt ze binnen via voedingsmiddelen en cosmetica, maar ook via de huid, door aanraking van gebruiksvoorwerpen als mobiele telefoons of de afstandsbediening.
De precieze effecten van de stoffen zijn onbekend, maar wetenschappers leggen verbanden met kanker, allergieën en verminderde vruchtbaarheid bij mannen. De EU besloot enige jaren geleden dan ook dat het gebruik van de chemicaliën fors moet worden teruggedrongen. Daarvoor werd het programma REACH opgesteld. Dat test tienduizenden chemische stoffen op hun schadelijkheid. De gevaarlijkste stoffen worden verboden.
Enige nadeel: acht miljoen dode muizen, ratten, konijnen etc. schatte de Partij voor de Dieren, zouden geofferd worden om de chemicaliën te testen en de mensheid wat gezonder te maken. Maar zelfs hun schatting is veel te conservatief. Een Amerikaanse toxicoloog en een Italiaanse chemicus beweren nu in het wetenschappelijke tijdschrift Nature dat de EU een rekenfoutje heeft gemaakt.
Niet acht miljoen, maar 54 miljoen proefdieren zijn de komende tien jaar nodig voor REACH. Meestal worden proefdieren na de tests afgemaakt, onder andere om hun lichaam te kunnen ontleden. Bovendien bedragen de kosten 9.5 miljard euro, oftewel zes keer meer dan gedacht.
De auteurs pleiten voor een gedeeltelijk moratorium op de proeven, efficiëntere testmethoden en minder proeven waar dieren voor nodig zijn. Hierover praten ze volgende week op een wereldcongres voor alternatieven en diergebruik in de levenswetenschappen.



