2010 wordt het jaar van de gegronde twitterkritiek
En schrijf asjeblieft niet meer over je ontbijt, fitnessbezoek en emotionele doorbraken
Het afgelopen jaar heeft Twitter vaak in nrc.next gestaan. Ook op papier. Ellen de Bruin schreef op 19 maart 2009 een coververhaal over de paradox van het nieuwe medium: ,,Twitteren is al binnen twee dagen verslavend, tegelijkertijd is het niksig en slurpt het tijd.” En ook: ,,Tja, Twitter is wel een beetje de webdienst you love to hate.” Klopt, onze columnisten Aaf en Rob kraakten Twitter allebei. Met als voornaamste argument: het is raar om over niksigheid te schrijven. Who cares wat je ontbijt is?Een terechte vraag. Het is ook narcistisch en opschepperig om aan honderden mensen te vertellen dat je heerlijk gesport hebt. Of dat je een geweldige wijn uit 1984 drinkt. Toch gebeurt het veel op Twitter (ondergetekende heeft zich er ook wel eens schuldig aangemaakt).
Maar het is te makkelijk om de service daarom als onzin af te doen. Feit is dat Twitter nut heeft. Elke twitteraar heeft wel een mooi succesverhaal. Dat van ons is dat we vaak mensen voor interviews via Twitter vinden en dankbaar gebruik maken van ooggetuigenverslagen (altijd als signaal, nooit als bron). Maar tegelijkertijd verliezen veel mensen zich in die succesverhalen. Twitter is god, en twitterkritiek blasfemie.
Gelukkig lijkt 2010 het jaar van de gegronde twitterkritiek te worden. Twee voortekenen daarvan:
- Een geweldige cartoon van ‘Oatmeal’ met tien twittergeboden. Vertel je volgers niet over je huisdier – ‘die vind je alleen zelf geweldig’ – of emotionele doorbraken – ‘zelfverbetering is masturbatie’. Momenteel een enorme hit op Twitter. Dat zie ik als een bevestiging dat veel mensen de onzinberichtjes zat zijn.
- Een opiniestuk van James Harkin in The Guardian met als titel: The Trouble With Twitter. Hij tackelt de ‘wisdom of crowds‘ – de massa weet wat juist is – en noemt de twitterverheerlijking banaal. ,,Politici van middelbare leeftijd zitten opeens op Twitter omdat daar zogenaamd de jongeren zitten.” Zijn sterkste voorbeeld? De zogenaamde twitterrevolutie in Iran. Slechts 0,027 procent van alle Iraniërs gebruikt Twitter. Voor de regering is dat handig, want zo zijn dissidenten makkelijk op te pakken.
Nogmaals: Twitter heeft zeker nut. Dat ondervinden miljoenen mensen dagelijks. Maar om het uit te laten groeien tot een volwassen medium, moeten we het kritisch benaderen. Laat ik daarom afsluiten met het beste Twitteradvies dat ik ooit gehoord heb. Het komt van Twitter-investeerder Chris Sacca. Tijdens Amsterdamse The Next Web-conferentie in april 2009 zei hij het volgende:
There are 700 people in this room. If you were standing on stage, you would be quite nervous: shaking a bit, maybe with a dry throat. When having such a large audience, you will sure try to entertain or inspire them. We tend to forget that we have a large audience on Twitter too. So before you tweet ask yourself: am I providing value? Will it put a smile on someones face? Am I expanding someones horizon? Otherwise, don’t write it.



