Liv’: voor dromers met beperkt historisch besef
Dodebomenrubriek over reisbladen
De lente komt maar niet in zicht. Deze week dus tijdschriften om bij weg te dromen. Dat in de in eerste plaats is wat een goed reistijdschrift moet doen: je het gevoel geven dat Machu Picchu en de Himalaya binnen handbereik liggen. Je zou alleen nog maar hoeven boeken. Niet dat je dat gaat doen. Daarvoor koop je zo’n blad niet. Als het blad je maar het gevoel geeft dat weggaan zomaar kán.
Reiz& Magazine (6,35 euro) is het grootste reisblad van Nederland en wordt uitgegeven door de ANWB. Wie wegdroomt met Reiz&, blijft toch realistisch. In het nieuwste nummer staan bestemmingen als Málaga aan de Costa del Sol en het noorden van Noorwegen. En er is een reportage over terrils, een soort afvalbergen in Wallonië die een overblijfsel zijn van de mijnbouw. ‘Het zijn net piramiden, je moet het alleen even zien’. De fotografie bij het verhaal spiegelt de streek tussen Luik en Charleroi in elk geval niet rooskleuriger voor dan hij is: niets dan donkere wolken, bleke berkenstammen en robuuste Walen in een bruine kroeg.
De échte dromers kopen Liv’ (5,95 euro), zoals het tijdschrift Living sinds kort heet.
Naar eigen zeggen draait Liv’ (de apostrof wil nog niet wennen) om knowing, showing en going places. Het showelement van het blad ligt een stuk hoger dan bij de familiebestemmingen in Reiz&. Dat merk je aan de bestemmingen, de foto’s, maar vooral aan de blik van de reisschrijvers. De reportage over de Vietnamese hoofdstad Hanoi rept van een handige sneakersteeg, waar je duizenden paren vindt, en roemt de koffiezaken met westerse roots, Barista Frank en Segafreddo. Met historisch besef heeft Liv’ niet zoveel op. ‘Oké, de Fransen hebben de boel lang bezet gehouden. Dat verdient misschien geen schoonheidsprijs. Maar de gebouwen die ze hebben achtergelaten, verdienen die wel’. Waarna het verder gaat over de kathedraal, en over Tapasbar Salsa en boulangerie Paris Deli.
Avonturiers die niet in Hanoi in een tapasbar willen zitten, zullen liever National Geographic Traveler (5,95 euro) kopen. Die reisvariant van het populair-wetenschappelijke tijdschrift is er ook in een Nederlandse versie. Toch wijkt ook Traveler nauwelijks van de gebaande paden. Het verhaal over de klim naar Machu Picchu is over te slaan; er staat niet veel meer in dan dat wat op een willekeurige pietjeinperu.waarbenjij.nu te lezen valt. Spannender is een stuk over het Britse York, spookhoofdstad van de wereld. Je kunt er slapen in een kamer boven de Cock & Bottle Pub, waar al drie keer eerder een geest is verschenen, en gaat langs bij een weeshuis waar vroeger kinderen verhongerden. ‘De buren horen ze nog altijd krijsen’. Zo belandt je toch nog even in een andere wereld.
Columbus (5,95 euro) wil een blad zijn voor wie écht van de gebaande paden afwijkt. Het blad heeft een erg actieve community waar reizigers ervaringen, tips en foto’s kunnen uitwisselen. In het winter 2010-nummer van het tijdschrift staan veel foto’s van die Reisreporters, die vaak nauwelijks van de echte reisfotografie te onderscheiden zijn, zo goed zijn ze. Er is ook een competitie voor reisreporter van het jaar, en voor de beste wildlifefotograaf. Leuk allemaal, maar door al die aandacht voor de persoonlijke ervaringen van reizigers, blijft er weinig ruimte over voor gedegen verhalen over een vanhetpadafbestemming. En daar heb je in januari toch het meest behoefte aan.



