Buiten het parlement wordt wel gedebatteerd
Scholieren verslaan studenten én ondernemers bij NK debatteren
Nederlanders staat nou niet echt bekend om hun debatkwaliteiten. Zap je van een Lagerhuisdebat op de BBC naar een Haags Kamerdebat op Politiek 24, dan heb je het gevoel in een maandagochtendambtenarenoverleg van een waterschap te zijn beland. Soms opeens lopen de emoties hoog op, zoals bij de debatten in de aanloop naar de val van het kabinet-Balkenende IV. Maar dan lijkt de Tweede Kamer weer meer op De Gouden Kooi, met persoonlijke beledigingen, korte lontjes en de gebiedende wijs als voornaamste retorische truc.
Tegelijkertijd kent Nederland buiten het parlement steeds meer een heuse debatcultuur – althans als je afgaat op het grote aantal debatgroepjes dat op scholen en universiteiten is opgericht. 56 teams deden gisteravond mee aan het Nederlands Kampioenschap debatteren in Leiden. Wie om zich heen keek zag alléén jongeren – van scholieren tot recent afgestudeerden. “Hear hear” riepen ze, tijdens de strak georganiseerde debatten. Scholieren (vooral gymnasiasten) vertelden dat ze zélf debatgroepjes hadden opgericht op school. En studentendebatverenigingen als de Leiden Debating Union (2004) en het Groningse Kalliope (2008) dateren ook van de laatste jaren.

Thom Wetzer en Elisabeth van Lieshout, de winnaars van het NK debatteren
Voor de allereerste keer (het eerste NK vond plaats in 1997) werd het kampioenschap gewonnen door twee scholieren: Elizabeth van Lieshout (17, Stedelijk Gymnasium Utrecht) en Thom Wetzer (18, Stedelijk Gymnasium Nijmegen). Zij versloegen studententeams én het team van Lars Duursma en Victor Vlam. Duursma (wereldkampioen debatteren in het Engels als tweede taal) en Vlam geven trainingen aan politici en bedrijven met hun bedrijf Debatrix. Zij schrijven de komende weken op de opiniepagina van nrc.next over de debatkwaliteiten van Nederlandse lijsttrekkers.
“Afgelopen week heb ik nog het boek van Lars Duursma nog bij de bibliotheek geleend om me voor te bereiden”, vertelt Van Lieshout, die zegt “heel erg verrast” te zijn door de eerste prijs. Haar teamgenoot Wetzer: “Ik ben gaan debatteren omdat ik vind dat jongeren hun zegje moeten kunnen doen. Vaak worden jongeren in het debat genegeerd. Ik wil mee kunnen praten. En er zit natuurlijk ook een leuk competitief element in.”
Hear hear!


