Er is veel meer aan de hand in Hasankeyf
Hasankeyf stond op het punt in de Tirgris te verdwijnen, horen de zomerbloggers
Integratie en minderheden zijn thema’s sinds de mens zich vanuit Afrika verspreidde, maar nog altijd lijken we er maar niet aan te wennen. Freelance-journalisten Janno Lanjouw en Dirk Wanrooij reizen deze zomer over de grens tussen Europa en Azië op zoek naar minderheden en hun problemen in het digitale tijdperk. Van internetrepressie tot twitterrevolutie, een reis langs de marge van Europa.

Het droomachtige Hasankeyf.
Door de snikhete straten slenteren een handjevol zwetende toeristen teleurgesteld langs de restanten van wat ooit een bloeiende souvenirsector moet zijn geweest.
De weg naar de attractie van het stadje Hasankeyf– de eeuwenoude grotstad in de zandstenen oever van de rivier de Tigris – is afgezet met een lint en een geïrriteerde agent. Een tijdje terug vielen er namelijk rotsblokken uit de archeologische vindplaats en daarbij kwam zelfs iemand om. Goede reden, zo lijkt, maar er is veel meer aan de hand in Hasankeyf.
Hasankeyf staat namelijk op het punt om met minaret en al in de Tigirs te verdwijnen. Als het aan de Turkse regering ligt, zal de 135 meter hoge Ilusudam dit deel van de Tigris veranderen in een stuwmeer van 314 km². De archeologische vindplaatsen van onschatbare waarde zullen daarbij verloren gaan, maar er wordt wel 1200 megawatt aan schone elektriciteit opgewekt.
Dilemma.
Maar niet zomaar een dilemma: tenminste 60.000 mensen, waarvan de overgrote meerderheid Koerden, zullen hun huizen moeten verlaten. Ipek Taşli, een Koerdisch-Joodse (over minderheden gesproken…) medewerker van het burgerinitiatief Houd Hasankeyf in Leven leidt ons rond. Zij vertrouwt de regering voor geen cent en denkt dat de te winnen electriciteit slechts bijzaak is. De ware motieven voor de dam zijn volgens haar het verdrijven van de Koerdische bevolking en meer controle krijgen over de watertoevoer naar Irak. De regering op haar beurt verwijt het initiatief ‘te politiek’ te zijn en te sympathiseren met de PKK.
Wederom betrekken beide partijen hun oneindig ver uit elkaar liggende stellingen: de Turkse regering zegt te werken in dienst van een Turkije voor alle Turken en de Koerden die moeten vechten voor de erkenning van hun identiteit.
Het droomachtige Hasankeyf staat ondertussen voor de grootste uitdaging in haar lange geschiedenis. De pijlers van een 12de eeuwse brug steken als trotse getuigen aan dit verleden boven de rivier uit. Maar tegenwoordig dienen de pijlers als duikplank voor de lokale jeugd en in het dorp heerst verslagenheid.
Een uitbater van een restaurant in het verboden gebied verzekert ons dat het water hem tot de lippen staat. Dit terwijl de dam nog gebouwd moet worden. Een plan voor de toekomst heeft de man niet. ‘Verhuizen’ mompelt hij somber.



Er zit een klein foutje in de onderkop: „Tirgris”.