Het gezellige gezin is een mythe
Dus waarom beginnen we er dan nog aan?
Sinds de eeuwwisseling zijn het kinderzitje en de babybakfiets de symbolen geworden van de Nederlandse droom. We hebben geen grote wereldverbeterende idealen meer, we willen alleen het beste voor onze kinderen. Maar er wordt nogal wat onderzoek gedaan naar hedendaags ouderschap en daaruit valt maar één conclusie te trekken: ieder gezin is ongelukkig op zijn eigen manier.
We worden niet gelukkiger met kinderen, schreef redacteur Ellen de Bruin afgelopen zaterdag in NRC Handelsblad. Vandaag op de opiniepagina van nrc.next pleit schrijver Herman Stevens voor een meer realistische kijk van ouders-in-spé. Stevens verwijst naar het Amerikaanse begrip parenthood paradox. Kort samengevat: we zeggen dat kinderen ons gelukkig maken, maar wanneer we een vragenlijst invullen over de leuke dingen in het leven, blijken vooral ouders van jonge kinderen helemaal geen leuke dingen in het leven te hebben. ‘Het gezellige grote gezin is een mythe.’
Waarom krijgen mensen kinderen, vraagt Stevens zich af.
‘We zijn geen nomaden meer die op hun oude dag door het nageslacht moeten worden onderhouden. Toch zijn kinderen alleen maar belangrijker geworden in onze samenleving nu familievorming een keuze is geworden in plaats van een onvermijdelijke taak. Sommige ouders-in-spe onderwerpen zich aan slopende medische procedures om maar kinderen te krijgen. Ook is de opvoeding van onze kinderen een van de laatste terreinen waar we nog sporen terugvinden van het oude verzuilde Nederland.’
Is het gezellige gezin een mythe? En waarom krijgen mensen eigenlijk kinderen?


