Uitstelgedrag, wat doe je eraan?
„Dat uitstelgedrag blijft bestaan”, zegt Piers Steel met droge ogen, „komt niet doordat onbekend is wat we eraan moeten doen, maar doordat mensen het uitstellen om er iets aan te doen.” Steel, hoogleraar aan de Haskayne School of Business in Calgary, is de Allen Carr van het uitstellen: hij leed er zelf aan en helpt nu anderen. Hij schreef een boek over uitstelgedrag dat na de zomer in Nederlandse vertaling uitkomt. Op de wetenschapspagina van de papieren nrc.next staat een interview met hem.
„Het is een veelvoorkomend probleem, iedereen kent het gevoel”, zegt Steel. In zijn boek vat hij de wetenschappelijke literatuur over procrastinatie samen en geeft hij wetenschappelijk verantwoorde tips. Chronische uitstellers zijn over het algemeen geen perfectionisten, schrijft hij, maar impulsieve mensen die geen weerstand aan verleidingen kunnen bieden. En het zijn niet per se sensatiezoekers. „Jij houdt zeker van de thrill van een deadline? Wil je dat gevoel eerder hebben, zodat je meer gedaan krijgt? Dan moet je jezelf deadlines stellen. O, dat lukt niet? Dan waren het geen echte deadlines. Dan moet je er maar eens 1.000 euro op zetten.” Dat soort vallen moet je voor jezelf opzetten, zegt Steel, zo kun je je onbewuste aan het werk zetten.
Enkele andere tips uit het boek:
- Breek grote taken in stukjes.
- Houd successen bij.
- Vermijd riskante situaties: zorg dat je niet kunt sms’en, twitteren of facebooken.
- Slaap genoeg. Wie moe is, weerstaat afleiding moeilijk en is somber over wat hij kan.
- Stel jezelf uitdagende doelen.
- Zorg dat je werk prettig is.
Herken jij deze problematiek? Denk je dat een self-helpboek je daarbij kan helpen? Zie jij iets in de bovenstaande tips?



Een tip die ik uit Getting Things Done heb overgenomen is om taken in kleinere stappen onder te verdelen en die op te schrijven. Dan kijk ik af en toe op mijn lijst en kies dan een taak uit die ik dan wil gaan doen, zelfs de vervelende klusjes komen zo uiteindelijk aan de beurt.