Het definitieve einde van de legbatterij
De kip krijgt er dit jaar 200 vierkante centimeter bij
Eieren uit legbatterijstallen mogen sinds zondag niet meer worden verkocht in de Europese Unie. Daarmee krijgen dierenwelzijnsorganisaties na jaren van protest hun zin. Maar hebben scharrelkippen het zoveel beter? En wordt het verbod wel in alle landen gehandhaafd?
1. Wat is er aan de hand?
Sinds afgelopen zondag mogen in de Europese Unie geen eieren uit legbatterijen meer verkocht worden. Ook de legbatterijen zelf zijn verboden. De kippen moeten een grotere kooi met extra voorzieningen krijgen of moeten kunnen rondlopen in scharrelruimtes. Tot dit verbod is al in 1999 besloten. In de legbatterij had de kip 550 vierkante centimeter ruimte – minder dan een A4’tje. In een kooi zaten vier of vijf kippen. Per 1 januari eist Brussel minimaal een stal met ‘verrijkte kooien’, de iets ‘luxueuzere’ variant op de legbatterij. Met 750 vierkante centimeter leefruimte en een strooiselbak, zitstok en nestruimte. Ook in de verrijkte kooien zitten vier tot vijf kippen. Critici zeggen dat het nauwelijks een verbetering is.
2. Zijn hier nog legbatterijen?
Bijna alle Nederlandse pluimveehouders zijn over op stallen met scharrelkippen. Van de 1.126 kippenbedrijven hebben nog zo’n 25 bedrijven stallen met legbatterijen. Het gaat om zo’n twee miljoen kippen, op een totaal van 44 miljoen. Voor eind juni moet de stal aangepast zijn. Wegens problemen met vergunningen konden deze boeren nog niet overstappen, zegt Alex Spieker van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders. De verrijkte kooien gelden in Europa nu als ondergrens. In Nederland worden deze per 2021 verboden. Nederlandse supermarkten weren al sinds 2004 legbatterijeieren. De Nederlandse kooi-eieren worden sinds die tijd vooral verwerkt tot eiproduct, voor bijvoorbeeld shampoo, mayonaise, pasta, beschuit of cake.
3. Waren er ook voordelen?
De nadelen van de kale kooi zijn duidelijk. In legbatterijen kan de kip de kooi niet uit en heeft zij geen legnest en zitstok. In de kleine leefruimte kunnen ze zich amper natuurlijk gedragen, waardoor ze gefrustreerd raken, zegt Ferry Leenstra, pluimveeonderzoeker van de Wageningen UR Livestock Research. Ook is het niet mogelijk een stofbad te nemen. Voor kippengedrag en kippenwelzijn is het dus echt beter dat nu bijna alle Nederlandse pluimveehouders zijn overgegaan op stallen met scharrelkippen, zegt Leenstra.
Maar er zijn ook nadelen voor de dieren, legt ze uit. Het aantal dode kippen in scharrelstallen ligt rond de 10 procent, een paar procent hoger dan bij legbatterijen. Met legbatterijen kunnen ziektes beter worden voorkomen, doordat de kippen niet in contact komen met hun eigen uitwerpselen (op lopende band afgevoerd). En als er een ziekte is, kan deze makkelijker gecontroleerd worden doordat de ziekte zich minder snel in de stal verspreidt. Bovendien doen scharrelkippen meer aan ‘pikkerij’, zegt Leenstra. „Zo kunnen er bloedplekjes ontstaan bij kippen, waardoor de andere kippen nog meer gaan pikken en ze uiteindelijk doodgaan. En incidenteel klitten scharrelkippen zo erg samen dat ze stikken.” De kostprijs voor een scharrelei ligt momenteel rond de 7 eurocent, ongeveer 1 tot 1,5 cent duurder dan een legbatterijei.
4. Handhaving van verbod?
Ondanks het verbod werken nog altijd veel pluimveehouders in Europa met een legbatterij: in Spanje, Italië, Polen, België en Griekenland. In Polen heeft nog ongeveer 90 procent van de bedrijven legbatterijkippen, zegt Alex Spieker van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders. In Spanje en Italië zou het om 60 procent van de bedrijven gaan. Door de crisis krijgen pluimveehouders moeilijker leningen voor de bouw van nieuwe stallen. En de consumenten in deze landen zijn (nog) niet bereid om meer te betalen voor een ei dat onder betere omstandigheden is geproduceerd. Kippenhouders die te laat zijn, krijgen nog tot en met 30 juni de tijd om om te schakelen. „Maar het tempo bij de lidstaten ligt veel te laag om die datum te halen”, zegt Spieker. Wat de maatregelen zullen zijn als de landen de nieuwe deadline niet halen, is niet bekend.
5. En wie is er weer de dupe?
De Nederlandse pluimveehouders vrezen concurrentievervalsing. Nederlandse boeren verkopen vooral scharreleieren. Boeren in andere landen gaan intussen door met de goedkopere legbatterijeieren. Zo worden de relatief dure Nederlandse scharreleieren mogelijk uit de markt geprijsd. Bedrijven die te laat zijn met de omschakeling, mogen hun eieren waarschijnlijk alleen verkopen in hun eigen land en daar tot eiproduct laten verwerken. Dat eiproduct mag weer wel door heel Europa verkocht worden. Het gevaar bestaat dat Nederlandse pluimveehouders (zo’n 75 procent is export) veel orders mislopen. „Het is een vermenging van legale en illegale eiproducten. Dat geeft veel nervositeit in de markt”, zegt Spieker. „Wij zijn hier roomser dan de paus, terwijl ze in andere landen een lange neus trekken. Dat gevoel steekt in de pluimveesector.”
6. Wat zegt de kippenboer?
„De inventaris van de legbatterij was nog in orde en had nog tien jaar meegekund. Dit is kapitaalvernietiging.” Maar pluimveehouder Jan Willem Lagerweij zit nu dan toch middenin de ombouw van legbatterijstallen naar scharrelstallen. Gisteren begon de sloop van de kooien, vertelt de 61-jarige boer uit Gelderland. Begin maart verwacht hij volledig over te gaan op scharrelstallen. De kosten voor de omschakeling zijn 250.000 euro. Door de verandering gaat het bedrijf van 100.000 leghennen terug naar 75.000. Want een scharrelkip heeft meer ruimte nodig. Net als de meeste boeren krijgt hij nu zogeheten volièrestallen: een scharrelstal met etages. Normaal liggen de prijzen voor scharreleieren een halve cent tot een cent hoger dan voor kooi-eieren, maar nu zijn ze gelijk. Op de markt is nu een overschot aan scharreleieren, zegt Lagerweij. „Je weet nooit wat de markt doet.”
Is er een kwestie in het nieuws die je graag in een bredere context geplaatst ziet? Tip dan de redactie via paginadrie@nrc.nl of twitter de hoofdredacteur via @robwijnberg



