In Nederland worden jaarlijks zo’n 600.000 proefdieren, veelal muizen en ratten en zo’n 600 apen per jaar, gebruikt voor onderzoek. Daarvan sterft 86 procent als gevolg van de proef.
Vandaag in de papieren nrc.next drie visies op dierproeven. Die van de wetenschapper, de actievoerder en de onafhankelijke expert.
Dierproeven zijn nodig voor onderzoek ter voorkoming van ziektes bij mensen, zeggen wetenschappers. En om medicijnen vóór gebruik door mensen te kunnen testen, op dieren dus.
Wetenschappers doen juist niet genoeg om alternatieven voor dierproeven te vinden, zeggen dierenrechtenactivisten. En waarom moeten dieren eigenlijk sterven om menselijke ziektes te voorkomen? Zeker als die ziektes het gevolg zijn van ongezonde leefgewoonten zoals alcohol drinken of roken.
En dan is er nog de ‘onafhankelijke expert’ die twijfelt of de tijd rijp is abrupt te stoppen met dierproeven:
Zijn we als samenleving bereid de prijs te betalen die daaraan kleeft? Als mijn kind ziek is, weiger ik geen medicijnen die op dieren zijn getest.
Zijn dierproeven een noodzakelijk kwaad, of zouden we ook zonder kunnen?




