Staatssecretaris Zijlstra (VVD) wil selectie aan de poort toestaan, snoeien in de hoeveelheid opleidingen en de trage student plukken. Gisteren en vandaag in nrc.next: hoogleraar zorgeconomie Marcel Canoy is voor het intakegesprek, Universitair hoofddocent Henk van Berkel is tegen.
Waarom wil Canoy dit wel? Het afronden van het vwo is al lang geen garantie meer dat studenten de vereiste startkwalificatie hebben voor de universiteit. Streng selecteren aan de poort stelt universiteiten in staat om startkwalificaties te eisen, zegt hij. Daarnaast wordt de kwaliteit van het onderwijs niet primair bepaald door de snelheid van studeren, maar door de basisvaardigheden van de studenten en de toegevoegde waarde die universiteiten kunnen bieden om die vaardigheden te verbeteren.
Wat is de oplossing volgens Canoy? Strenge selectie aan de poort, en universiteiten moeten zich scherp profileren. Daarnaast moeten we collegegelddifferentiatie en een sociaal leenstelsel invoeren. Kwaliteit en rechtvaardigheid gaan hand in hand, zonder de illusie na te streven dat de universiteit toegankelijk moet zijn voor iedereen. Maar zulke fundamentele wijzigingen zijn nooit op korte termijn te realiseren zonder geld, zegt hij.
Maar waarom wil Van Berkel dit niet? Omdat motivatie volgens hem niet te meten is in een gesprek. Toelatingsgesprekken verworden snel tot een toneelstukje waarin de spelers keurig hun versje opzeggen. Daarnaast kost het veel geld. Jaarlijks willen tienduizenden scholieren naar de universiteit. Om intakegesprekken enigszins betrouwbaar te laten zijn, moeten van de kant van de universiteit ten minste drie of vier mensen aan het gesprek deelnemen. Een simpel rekensommetje leert dat met vijftigduizend gesprekken van één uur jaarlijks minimaal 7,5 miljoen euro is gemoeid.
Geld als oplossing, dus?
Volgens Canoy wel. Want op termijn kan het geld opleveren als universiteiten ondernemender worden en studenten een hogere bijdrage leveren. Maar op korte termijn is dit een illusie – het kabinet mist daarom een uitgelezen kans om het universitaire systeem zinvol te hervormen.
Volgens van Berkel is geld als oplossing naïef. We hebben het namelijk over een selectiesituatie waarin opnieuw selecteren binnen een al sterk geselecteerde groep – scholieren met een havo- of vwo-diploma. Selectiedeskundigen weten dat je buitengewoon veel selectiefouten maakt als de leerlingengroep waarbinnen je selecteert, weinig onderlinge verschillen vertoont. Dat wil zeggen dat je veel verkeerde studenten binnenlaat en dat je veel geschikte mensen buiten de poort laat staan. En dat verhoogt niet de rendementen, maar juist de kosten.
Selectie aan de poort: ja of nee? En waarom?