Als je een nier doneert, houd je dan een lege plek over in je lichaam?
De Next Question van vandaag: kan je een orgaan zomaar missen?

Medisch personeel van het La Raza ziekenhuis in Mexico vervoerde met spoed een donorhart, maar dat ging niet helemaal goed. De transplantatie was daarentegen wel succesvol. Foto Reuters
Hoe reageert het lichaam op de verwijdering van een orgaan, vroeg Annelot van Amerongen uit Den Haag aan haar biologiedocent. Verschuiven andere organen? Of vullen chirurgen dat gat op één of andere manier op? Hij wist het antwoord niet, terwijl hij toch altijd over zijn universitaire opleidingen opschept. Hopelijk brengen wij het er beter vanaf.
Er zijn in Nederland twee organen die je bij leven kunt doneren: de nier en een deel van de lever. Je kunt deze organen, maar ook bijvoorbeeld een tumor, weghalen zonder dat er een holte achterblijft, zegt Robert Porte, expert in levertransplantaties van het UMC in Groningen: “Het lichaam is heel elastisch en plooibaar, vooral in de buikholte.” Er ontstaat wat littekenweefsel, maar verder schuiven de andere organen naar elkaar toe. De lever groeit zelfs automatisch weer aan. Voor het plaatsen van een gedoneerde nier in het lichaam van de nierpatiënt “duw je alle organen wat opzij”, zegt Porte. Meestal wordt de donornier bij de twee eigen nieren geplaatst. Maar nieren verschrompelen vaak als gevolg van de nierziekte, zegt Andries Hoitsma, hoogleraar orgaantransplantatie en -donatie van het UMC St. Radboud. Een hoop elasticiteit dus. lees verder›




