
Costa do Sol (in blauw-geel) tegen Ferroviario de Maputo: voor het begin van de tweede helft wensen de scheidsrechters elkaar succes. Of verdelen ze de buit? (Foto Femke van Zeijl)
De scheidsrechter negeert een overduidelijke aanleiding voor een penalty voor thuispartij Costa do Sol. Tien seconden later deelt hij wel een onzinnige gele kaart uit aan een speler, nadat zijn tegenstander zonder enige reden neerzeilt op het kunstgras. Als de grensrechter na rust een zuivere goal voor tegenpartij Ferroviário de Maputo afkeurt wegens zogenaamd buitenspel, schudt de voetbalkenner naast me op de tribune zijn hoofd: ,,Kennelijk is er in de rust iemand in de kleedkamer bij de scheidsrechter langs gegaan.” Hij had me al gewaarschuwd voor de corruptie toen hij me uitnodigde voor de kwartfinale van de hoogste Mozambikaanse voetbaldivisie: ,,Van hoog tot laag, het zijn allemaal maffiosi.”
Twee dagen ervoor zat ik ook al naar een voetbalwedstrijd te kijken, van een informeler soort. Op een betonnen veld met opstaande rand holden 22 jongemannen achter de bal aan. Ik was er voor een eerste kennismaking met Augusto, een heroïnedealer en vriend van een vriend die wel met me wil praten. Het veld ligt vlakbij de Zona Militar, op straat in Maputo ook bekend onder de naam ‘Colombia’. Alles wat je op drugsgebied kunt bedenken, is daar te koop.
Samen met de tussenpersoon die me met Augusto in contact bracht kijk ik toe vanaf de stenen tribune. Ik vraag hem van wie van de spelers hij zeker weet dat ze bij drugshandel betrokken zijn. ,,Allemaal”, is zijn simpele antwoord. ,,Als je in deze wijk geboren bent, dan ontkom je er niet aan.”
In de vanzelfsprekendheid waarmee hij dit vaststelt klinkt berusting door. Net zoals niemand lijkt op te kijken van de raadselachtige beslissingen van de scheidsrechters deze middag op het door de Fifa aangelegde kunstgrasveld van Costa do Sol, een van de vele voetbalclubs in Maputo. Het is moeilijk te overdrijven hoezeer deze maatschappij doordrongen is van duistere zaakjes. Politieke betrokkenheid bij drugssmokkel, werknemers van grote bedrijven die percentages verwachten van zakenpartners, ambtenaren die niet van hun stoel komen zonder een flinke som onder de tafel.
Ik hou me bezig met straatkinderen die gappen, vrouwen die naast bier gestolen strijkijzers verkopen op de zwarte markt en jongens die Zuid-Afrikaanse mobieltjes van onduidelijke herkomst het land insmokkelen: kruimeldieven en klein crimineel grut. En zonder te willen oordelen of goedpraten: als ze naar boven kijken zien ze dat in alle regionen van de maatschappij hetzelfde gebeurt. Ik vraag me met enige regelmaat af wie nou de grootste boeven zijn.
