Yoruba realityshow

De driekoppige jury achter de tafel, links ernaast op een verhoging de presentator van S'ó dáa béè?' (Foto: Femke van Zeijl)
‘Ja meneer, nee mevrouw.’ Bij ons is het al lang in onbruik, maar hier in Ibadan leer ik weer met twee woorden spreken. Ik doe mijn best wat van de lokale Yoruba-taal op te pikken en krijg daarbij ongevraagd lessen in etiquette. In een gemeenschappelijke taxi op weg naar het commerciële centrum Dugbe bedankte ik een oudere dame naast me dat ze inschikte om plaats voor me te maken. Ze glimlachte om mijn dankjewel in het Yoruba, maar wees me meteen terecht.Ik had er geen ‘mevrouw’ achter gezegd, en dat was niet netjes. Ze was immers oud genoeg om mijn moeder te kunnen zijn.
Sindsdien speur ik ieder gezicht dat ik groet of bedank eerst af naar tekenen van ouderdom, om dan te besluiten of ik ‘mevrouw’ of ‘meneer’ moet laten volgen op mijn uitspraak. Het voelde in het begin onwennig, kruiperig zelfs. Maar ik heb gemerkt dat deze beleefdheidsfrasen ontwapenen en brede glimlachen oproepen, dus nu peper ik mijn gesprekken er rijkelijk mee.
