Snoeppapiertjes en andere nonsens over condooms

Susan maakt in haar volgepropte kamer de zondagse lunch klaar: salade, bananenpuree en verse tilapia (Foto Femke van Zeijl)
Het cliché wil dat je bij iedere reis een stukje van je hart achterlaat. Hoewel ik als schrijfster clichés tracht te vermijden: ze bestaan niet voor niets. In elke stad waar ik verbleef, springen er altijd mensen uit, nieuwe vrienden en – vaker nog – vriendinnen die me bijblijven. Mensen die niet alleen hun eigen stad in al haar aspecten aan me toonden, maar soms ook over onvermoed journalistiek talent beschikten. Die precies begrepen waarnaar ik op zoek was en zonder wie het hoofdstuk over hun stad veel bleker gekleurd zou zijn.
In Jinja was dit Susan, de hardwerkende consultant van het Aids Informatiecentrum. Ik ontmoette haar drie jaar geleden. Ze werkte nog voor een vrouwenorganisatie in de provincie. In de paar uur die ik destijds met haar sprak, maakten haar openheid en directheid indruk. Toen ik wist dat ik terug zou gaan naar haar geboortestad, heb ik er alles aan gedaan om haar weer te pakken te krijgen.









