Aaf Brandt Corstius: Ik heb, bijvoorbeeld, nog nooit bij een moslim gegeten

Gisteren liep ik mijn huis uit, en toen zag ik een vriendin van mij die vlakbij woont, op straat met een gesluierde vrouw praten. En toen dacht ik: ‘Hé, zij kent een moslim.’

Dat was een verbaasde gedachte. Wat raar is, want in onze buurt wonen heel veel moslims. Dus natuurlijk kan mijn vriendin er met eentje bevriend zijn. Zelf ken ik slechts een paar moslims, en dan nog maar heel en passant. Ik heb geen moslimvrienden.

En dat vind ik eigenlijk raar. We hebben allemaal meningen over moslims, en ik blaas zelf ook van een hoog torentje mee, maar ik heb, bijvoorbeeld, nog nooit bij een moslim gegeten.

De ramadan begint – een periode die ik nooit zou overleven, en mijn naasten ook niet, omdat ik slap en tegelijkertijd moordlustig word als ik ook maar een beetje honger heb –, en in mijn buurt wordt dan een festival georganiseerd. Je mag dan na zonsondergang bij een moslimfamilie eten. Die heten je welkom in hun huis, en dan mag je denk ik aan zo’n laag tafeltje met allerlei houtsnijwerk zitten, bij een stemmige olielamp, en mierzoete hapjes naar binnen werken.

Denk ik. Want ik ben in al die jaren nog nooit naar dat festival geweest. Ik ben a. bang dat ik me per ongeluk onbeschoft gedraag omdat ik de moslimwetten niet ken, en b. bang dat ik overkom als een irritante, aanmatigende kijk-mij-eens-leuk-met-de-allochtonen-omgaan-figuur.

Dit jaar zou ik gaan, had ik me voorgenomen. Om mijn angsten wat te bezweren, las ik wat over de ramadan. Zo kwam ik erachter dat je niet hoeft te vasten als je zwanger, op reis of krankzinnig bent. Een beetje de smoezen waarmee je vroeger uit militaire dienst kon blijven. Ik kwam er ook achter dat seks verboden is tijdens de ramadan. En dat moslims het op prijs stellen als niet-moslims niet de hele tijd midden op de dag voor hun neus allerlei heerlijke maaltijden gaan zitten verorberen, en dan steeds roepen: ‘Mmmmm! Wat lekker!’

Maar nergens heb ik gelezen of je moet bidden voor de maaltijd, of je je schoenen uit moet trekken, of je als gast een bloemetje mee moet nemen, en of je vragen aan moslims mag stellen zoals ‘Word jij ook altijd zo bloedchagrijnig als je hongerklop hebt?’ Dat had ik allemaal aan die gesluierde vriendin van mijn vriendin kunnen vragen, gisterochtend. Maar dat durfde ik niet.