jan blokker: Ze kunnen in Amsterdam toch gewoon met de pont?
De Amsterdamse wethouder die verantwoordelijk is voor de ondergrondse Noord-Zuidlijn heet Tjeerd Herrema.
Dat is om te beginnen natuurlijk al geen naam voor iemand die een miljardenkarwei moet opknappen. Zo heetten onderwijzers die in de jaren zestig van de vorige eeuw van de klas eisten dat ze hem voortaan zou tutoyeren. ‘Onthoud dus: ik ben Tjeerd’.
Tjeerd stond gisteravond voor de camera van de dorpszender AT5 tegenover een uit zijn verzakte huis aan de Vijzelgracht verdreven Amsterdammer, die de wethouder het liefst had vermoord, maar die zich inhield en bevend van drift uitriep: ‘Ik ben niet alleen boos, maar ik ben kwaad.’
Het een haalt altijd het andere uit.
Waarom moest Amsterdam zo nodig een metroverbinding over het IJ? Ik bewaar de mooiste herinneringen aan de pont die gratis op en neer ging, en die op het gebied van wind, meeuwen, stookolie en een bepaald gevoel in je maag, als het ware de dummy was van een oceaanstomer. De vader van een vriendje van mij was er kapitein op. Hij had ook twee of drie gouden biezen op de mouwen van zijn uniform. Zelf ben ik vaak naar de andere oever gevaren. Maar als de pont bij het Tolhuis had aangemeerd, keek ik alleen even hoe de mensen er daar uitzagen, draaide me dan om, en voer met dezelfde kapitein terug naar huis.
Een ondergrondse spoorweg om misschien een kwartier tijd te winnen! De oude Grieken zouden dat hybris hebben genoemd. Die hadden toen trouwens alleen de mythe van Icarus, die symboliseerde dat je de goden niet moest willen evenaren: hoogmoed komt voor de val. Ik weet ook zeker dat de eerste 500 meter hoge woontoren van de Stuurvisie Randstad in 2040 net halverwege is, of hij stort in: Toren van Babel. Maar noch de bijbel, noch de Griekse mythologie kent een Icarus die zich wilde meten met een ondergrondse duivel. Wie ruilt nou ook vrijwillig de frisse lucht voor een tunnel? De oude Grieken niet.
In tegenstelling tot de grootspraak die ze ook vanuit Den Haag voortdurend over ons uitbazuinen (taskforce zus, deltaplan zo, doelstelling dit, speerpunt dat), gaat het er op de Nederlandse werkbodem over het algemeen nog aardig habberdegrieks toe.
Waar was laatst ook weer een rijweg voltooid, die niet helemaal in orde bleek? Ik moet even iets anders aan m’n hoofd hebben gehad, want de details zijn me ontschoten. Maar ik weet zeker dat ik het niet heb gedroomd, en het Journaal had er nog een uitgestorven shot van, waarop je met het blote oog kon zien dat die weg te smal was, dat twee auto’s mekaar daar onmogelijk konden passeren, dus dat er links en rechts minstens vijf meter bij moest.
Op zichzelf vind ik dat altijd ook iets ontroerends hebben: vergissen is menselijk. Maar het is natuurlijk eigenaardig als je tegelijkertijd in een kabinetsnota over integratie en identiteit leest dat het Nederlandse volk zich, behalve door nog een paar andere eigenschappen, vooral ook van andere volken onderscheidt door zijn ‘technisch vernuft’. Vonden ze het in het Catshuis al heel vernuftig dat iemand van Verkeer en Waterstaat na afloop had gemerkt dat er iets niet klopte?
Ik las dat staatssecretaris Van Bijsterveldt 200 miljoen euro uittrekt om in het voortgezet onderwijs rekenen en taal een beetje bij te spijkeren. Maar de school mag, samen met ouders (!) en leerlingen (!), zelf bepalen hoe ze het geld wil besteden. Is dat niet al reden genoeg om het ‘royale’ gebaar (want uitgesmeerd is zo’n bedrag natuurlijk een schijntje) ernstig te wantrouwen? Als bewoner van de Amsterdamse Vijzelgracht zou ik er nog altijd boos, zo niet kwaad bij blijven.



