Aaf Brandt Corstius: Als het buffet geopend wordt, stormen ze er gewoon op af
Ik had geen zin in het diner van de Viva 400, de lijst van de vierhonderd succesvolste Nederlandse vrouwen volgens Viva. Dat zeg ik niet uit koketterie, want ik vind het best leuk om succesvolvolgensviva te zijn; ik twijfelde gewoon of ik een tafelconversatie gaande kon houden met driehonderdnegenennegentig vrouwen die ik niet kende.
Gelukkig stond mijn vriendin P. ook op de lijst. Dus we konden samen gaan. Misschien waren die succesvolle vrouwen enge types die meteen in een ‘netwerk’ wilden, of een ‘project’ dreigden te beginnen, en dan zouden we in ieder geval elkaar hebben.
Nadat Ronald Plasterk had gespeecht dat vrouwen belangrijk waren, en zich vervolgens uit de voeten maakte met een smoes over de verjaardag van zijn zoon (de ‘zorgtaaksmoes’ heet die; doet het goed bij vrouwen), gingen we aan tafel.
Daar bemerkte ik iets leuks aan succesvolle vrouwen: ze houden zich niet aan een tafelschikking. Prettig, want dan konden P. en ik naast elkaar zitten, bij een gezelschap dat bestond uit een zangeres, een fotomodel annex weldoenster, een interieurvormgeefster, een fotografe en twee vrouwen die fairtradedingetjes uit derde wereldlanden inkochten voor de Hema en ze door Katja Schuurman lieten promoten (voor dit beroep bestaat nog geen naam, voor zover ik weet).
Het tweede leuke aan succesvolle vrouwen: als het buffet geopend wordt, stormen ze er gewoon op af.
Het derde leuke: ze hebben conversatie. Ze hebben het niet over geld, status of de Lehman Brothers. Ze hebben het over leuk werk, zoenen en muziek. En over elkaar, op een aardige manier. Opmerkingen als ‘Kijk, haar benen houden nooit op’, en ‘Zij heeft echt veel eelt!’ waren niet van de lucht. (De opmerking over het eelt ging over een olympische roeister die verderop zat, en die wij vereerden als een god.)
Na een tijdje pakte mijn vriendin P. het piepkleine Franse woordenboekje dat zij altijd bij zich heeft, en voorspelde ons de toekomst. Wij mochten een levensvraag stellen, zij sloeg het boekje open op een willekeurige bladzijde, en dan was het woord dat daar stond, het antwoord.
Iemand vroeg wanneer ze een kind zou krijgen, en het antwoord was: ‘Wacht.’ Aah, klonk het aan tafel, dat was nou een fijn antwoord. (Wij interpreteerden het als ‘Wacht, het komt heus wel’, en niet als ‘Wacht, je bent nog te infantiel’.)
Want je kunt nog zo succesvolvolgensviva zijn; iedere vrouw heeft weleens geruststellende woorden nodig uit een klein Frans woordenboekje.



