Jan Blokker:
We moeten in ieder geval dat vertrouwen niet meer herstellen
Mensen die hun spaarsaldo klakkeloos naar een internetadres in IJsland hadden overgeheveld, en die er nu misschien gedeeltelijk naar kunnen fluiten – waarom moesten die eigenlijk geholpen worden?
Het is sneu voor ze, dat geef ik toe. Zelf zou ik in hun plaats ook de aanvechting hebben gehad om alles kort en klein te slaan en iedereen te vervloeken. Te beginnen bij mezelf natuurlijk. Hoe kan ik zo stom zijn geweest om m’n eigen boerenleenbank in de steek te laten, omdat ik slapend rijk hoopte te worden in de Noordelijke IJszee?
Het is op groter schaal zoiets als wat je een paar keer per week op televisie tegenkomt bij consumentenprogramma’s die immers ook allemaal draaien om hebzucht, dat grote thema uit de wereldliteratuur. Ik kijk er altijd met genoegen naar. Het eerste echtpaar dat wordt ondervraagd, heeft met korting een luxe tweepersoonsledikant bij Lekker Bed gekocht, en zakte er nog dezelfde nacht doorheen. Het andere gaat gebukt onder torenhoge apothekerskosten na het eten van afgeprijsde bonbons. En het derde zit met een gezinslaptop waar je een fiets bij cadeau kreeg, maar de fiets had geen zadel en in de kleine lettertjes van het contract stond dat je eerst 250 euro moest bijstorten, en dan kreeg je pas het duurzame gezondheidszadel nagestuurd.
Een schrale troost putten de gedupeerden uit de omstandigheid dat ze niet de enigen zijn. Vaak blijken er honderden, soms wel duizenden lotgenoten eveneens door hun nieuwe bed te zijn gezakt, en lang ziek te zijn gebleven van die goedkope chocolade en tevergeefs, net als jij, al dertig protestmails te hebben verzonden over dat zadel, terwijl hun laptop meteen kapot was.
Sommige slachtoffers en lotgenoten mogen de uitzending van Frits Bom (of hoe ze tegenwoordig heten) in de studio bijwonen. Maar nooit, nooit, nooit verschijnt aan het eind van hun bittere verhalen het duo Wouter&Nouter met een plechtige belofte: ‘Linksom of rechtsom krijgt u een nieuw bed. Wij nationaliseren uw apothekersrekening. En de overheid zorgt voor passende gezondheidszadels, die u vanaf volgende week bij de Nederlandse Bank gratis kunt afhalen’.
Nooit.
Wie kan mij uitleggen waarom de regering kleine tobbers die met hun klachten alleen terecht kunnen bij Kassa, in de kou laat staan, maar intussen al bijna IJsland de oorlog had verklaard om rekeninghouders van een dubieuze bank zo veel mogelijk te ontzien? Sinds wanneer – andere vraag – komt de sociaal-democratische minister van Financiën ineens op voor de sterkste schouders, die hij vroeger altijd de zwaarste lasten wilde laten dragen?
Ik heb de afgelopen week al drie verslaggevers van actualiteitenrubrieken in Reykjavik zien rondlopen die vooral wilden nagaan of ze nog iets van hun eigen geld konden redden. Veel journalisten en televisiepresentatoren – ik wil niet suggereren dat die net als Jort Kelder hun aardappelen en groente elke dag in de P.C. Hooftstraat kopen, maar behoeftig is anders. U gelooft toch niet dat Hans Goedkoop, die bij Pauw&Witteman over zijn risico’s kwam vertellen, zou omvallen als Bos alle tegoeden bij Landsbanki niet tot een ton had gegarandeerd? Raar trouwens, dat geen enkele spaarder ooit argwaan heeft gekregen van die naam.
Kunnen we voor de internationale kredietcrisis een les leren uit het kleine Icesave-leed? Ik denk ’t. Iedereen moet om te beginnen z’n verlies nemen, en de ministers van Financiën moeten niet langer bij elke bank die zichzelf om zeep heeft geholpen, met miljarden achter het Noodlot blijven aanhijgen. Laat alles maar instorten. Laat iedereen maar door z’n bed zakken – dan slapen we een paar jaar wel op de grond. En zeg vooral nooit meer dat we ‘het vertrouwen’ moeten herstellen.
Alleen gezonde achterdocht kan ons er weer bovenop helpen.
Jan Blokker