Archief van berichten op 30 oktober 2008

Niks kon me tot hardlopen aanzetten; de kleine rode iPod niet, mijn buikje niet, en het abonnement op de sportschool al helemaal niet.

Maar Haruki Murakami wel. Door het lezen van zijn boek What I Talk About When I Talk About Running ben ik weer gaan hardlopen.

Ik was al jaren fan van Haruki, nadat ik een hele zomer had besteed aan zijn boek The Wind-Up Bird Chronicle. In dat boek gaat de hoofdpersoon een paar honderd bladzijden lang in een gat onder de grond zitten.

Je moet als schrijver van heel goeden huize komen als je je lezers dan nog weet te boeien.

lees verder

De actie ‘Nederland Leest’ is begonnen. Die houdt in dat je bij de bibliotheek een gratis boek kunt halen: Twee vrouwen van Harry Mulisch. Naar verluidt is dat een heel spannend boek omdat het vol zit met lesbische seksscènes die je er zelf bij moet verzinnen.

Om deze gratis boeken te slijten (?) zijn er radiospotjes te horen waarin Maartje van Weegen een geheel ingestudeerd interview met Harry Mulisch doet. Dat gaat zo.

Maartje: „Nederland Leest is begonnen. Meneer Mulisch, een miljoen exemplaren van uw roman Twee vrouwen gaan naar leden van de bibliotheek. Drukke dagen?”

Harry: „Nou, gekkenhuis! En in de bibliotheek vooral, daar is het druk. Al die mensen die daar dat boek komen halen.”

Wat een bizarre tekst. Dat komt natuurlijk door het woord ‘gekkenhuis’. ‘Gekkenhuis’ slaat allang niet meer op ‘een drukke plek’ („Tijdens de drie dwaze dagen was het een gekkenhuis”). Het is een veel algemenere uitroep voor jonge mensen die iets hips proberen uit te stralen. Lidwoord weghalen, en ergens achter of voor pleuren. „We wilden gewoon zelf een feest organiseren, waarom niet. Jaaa, gekkenhuis.” Het wordt zelfs alweer geïroniseerd: „Gaan jullie naar Ameland met vakantie? Gekkenhuis.”

Is het de schuld van de stand-up comedians van deze wereld? Er zijn er (en dat zijn niet de besten) die na hun punch line, onder de lach, steevast nog even roepen: ‘Gekkenhuis!’ Ook als de grap zelf in niets met gekte of drukte te maken had.

Het leuke aan Harry Mulisch is dat hij zich geloof ik nergens meer druk om maakt sinds Reve en Hermans dood zijn en hij dus effectief de Grote Een is. Hij vindt het ook prima dat hij een tekst in handen krijgt gedrukt die hij zelf nooit zou uitspreken. En hij is zelfs in staat om dat ‘gekkenhuis’ redelijk geslaagd uit te brengen! Dat kan alleen de Grote Een.

In de Britse stad York bestaat een wet die de inwoners toestaat Schotten te doden, mits dat binnen de oude stadsmuren gebeurt en de Schot met pijl en boog is gewapend. In Italië is het bij wet verboden de verwarming aan te zetten, behalve in de maanden november tot en met maart, mits je in die maanden niet hoger dan 21 graden stookt.

Bizarre regelgeving, maar hier kunnen we er ook wat van. Probeer maar aan een Italiaan of Brit uit te leggen dat je in Nederland geen wiet mag telen, maar wél verhandelen, mits je niet meer dan 500 gram in huis hebt. Het roken van wiet is binnen de coffeeshops alleen toegestaan in pure vorm; wie het met tabak vermengt, dient dit op straat te roken.

Ons wietbeleid is een fonkelend gedrocht dat met plakband aan elkaar zit en alle wetten van de logica tart. Het is een wonder dat het zo lang geduurd heeft voordat lokale bestuurders hun middelvinger ernaar uitstaken en de coffeeshops op eigen houtje dichtsmeten, zoals burgemeesters uit grenssteden nu hebben gedaan.

Justitieminister Hirsch Ballin (CDA) juicht hun handelswijze toe. Begrijpelijk: zijn partij zou het liefst alle duivelse genotsmiddelen uit het blikveld bannen, en als alle burgemeesters straks het voorbeeld volgen van Bergen op Zoom en Roosendaal, lukt hem dat nog ook, zonder strijd te hoeven leveren met pro-blowpartij PvdA.

Toch is zijn publieke steun onverstandig. Niet alleen verliest hij ermee uit het oog dat lokale sluitingen de problemen alleen maar verplaatsen (drugstoeristen gassen even makkelijk door naar Etten-Leur of Rotterdam) en zelfs vergroten (dolblije illegale drugsrunners halen nu recordomzetten binnen), ook getuigt hij hiermee van een weigering om het plakband eindelijk eens te vervangen door solide wetgeving.

Waar macht is, moet macht ook uitgeoefend worden, anders zullen je ondergeschikten over je heen lopen. Dit basisprincipe van Machiavelli lijkt Hirsch Ballin even vergeten te zijn. Dus organiseren lokale burgemeesters nu hun eigen ‘wiettop’.

Wat daar uit komt laat zich raden. Gelegenheidscompromissen tussen tientallen lokale bestuurders. Kortom: nog meer plakband rond ons wietgedrocht.

Christiaan Weijts