Archief van berichten op 13 november 2008

Ik zit geloof ik aan mijn taks wat betreft de wettelijk toegestane hoeveelheid poezenstukjes per columnist, maar ik moet melding maken van mijn twee nieuwe katjes.

Ik had eerder twee wilde boskatten gekocht, die terug moesten naar het asiel. Daarna wilde ik meteen nieuwe poezen. Met poezen is het anders dan met geliefden; je kunt de oude acuut inruilen voor nieuwe. Daar past je gevoelsleven zich flexibel op aan. (En ach, acuut inruilen zou je met geliefden toch eigenlijk ook het liefste willen doen, als de verkering uit is. Alleen lukt dat meestal niet, omdat je er ongezellig uitziet als een relatie net voorbij is.)

lees verder

Aan minister Vogelaar werd de vraag gesteld hoe duur het allemaal nou echt zou worden, met die boot en die woningbouwvereniging in Rotterdam. Haar antwoord: ‘Weet u wat ondernemen is?’

Dat was geen antwoord, natuurlijk, maar het zette wel een prettig sfeertje neer van wederzijds respect en oprechte dialoog. Waarschijnlijk dacht Vogelaar iets als: ‘We weten niet hoe duur het wordt, want ondernemen is nu eenmaal risico nemen, dus ik kan er niets over zeggen.’ Maar ja, daar kom je niet mee weg, dus daarom maar de tegenaanval geopend met een retorische vraag: een vraag waarop je geen antwoord verwacht.

Wat is dat toch, met retorische vragen? Waarom zijn die zo vaak naar (behalve in het geval van de vorige zin)? De vraag waarop het antwoord niet gewenst is, brengt het gevoel over dat de spreker zelf altijd alles het beste weet. ‘Heren. Hallo. Waar zijn we mee bezig?’ betekent natuurlijk eigenlijk ‘Het interesseert me niet wat jullie doen, als jullie er maar mee ophouden’.

De puber die zegt ‘Kan ik er wat aan doen?” wil alles, maar niet een goed gesprek over verantwoordelijkheid en schuldvraag.

Wie zegt ‘Mag ik dat zelf even weten?’ is eigenwijs en niet coöperatief. En een vrouw die tegen haar man zegt ‘Met zo’n man ben ik toch niet getrouwd?’ is eng en neurotisch.

Het was blijkbaar de week van de retorische vraag, want een paar dagen na Ella Vogelaar kwam ook de onbetwiste koning van de retorische vraag uitgebreid aan het woord: Peter R(etorische vraag) de Vries. Vooral in zijn telefoongesprekje met Joran van der Sloot was het raak. ‘Hebben wij soms die valse visitekaartjes zitten drukken? Hebben wij soms die meisjes opgetrommeld? (…) En ik heb zeker ook de verdwijning van Natalee Holloway geïnitieerd? Dat heb ik zeker ook gedaan? (…) Dan houden we het daar toch op?’ Joran antwoordde maar niet. Dat was namelijk niet de bedoeling.

Een Britse correspondent van de Birmingham Mail is na Obama’s overwinning ontslagen. Op YouTube circuleert een filmpje, gemaakt door een Nederlandse verslaggeefster, waarop hij, stomdronken bij de feestende menigte, de BBC bedankt: „Want ik zit me hier toch een partijtje te knippen en te plakken!”

Altijd oppassen voor Nederlanders met camera’s. Joran van der Sloot wist het al. Ook VVD’er Arend Jan Boekestijn weet het nu. Stond hij ontspannen met Maarten van Rossem na te praten aan de bar van De Wereld Draait Door, draaide een EenVandaag-camera toevallig ook door. En dus verspreidde zijn kritiek op de eigen partij (‘we hebben bijna alles fout gedaan’) zich als een virus door de media.

Achter de schermen liegt de camera nooit, zullen veel kijkers nu denken. Eindelijk horen we hoe ze daar in de VVD écht over Rutte denken!

Écht? Dan vergeet men even dat je boven een biertje tegenover beroepscynicus Van Rossem een totaal andere houding aanneemt dan boven een vergadertafel met koffie. Een cafécontext maakt je gewillig om vrijblijvend mee te ouwehoeren met je gelegenheidsbiermaatje. In de ongemonteerde beelden zie je hoe dat gaat: Van Rossem bekritiseert, Boekestijn beaamt. Hier een scoopje uit slepen is eenvoudig. Gewoon een partijtje knippen en plakken.

Heeft de Britse correspondent plagiaat gepleegd? Misschien. De beelden tonen alleen aan hoe iemand in dronken toestand stoer probeert te doen bij een BNN-verslaggeefster. Verhandelt Joran Thaise vrouwen? Misschien. De beelden tonen alleen dat hij graag in de smaak valt bij onderwereldfiguren, die hem langdurig uitlokken.

Is er kritiek op Rutte? Misschien. De beelden van Boekestijn tonen slechts aan hoe een politicus aan de toog amicaal doet met Maarten van Rossem. Dinsdag pakt EenVandaag het serieus aan: de VVD-leden in het opiniepanel, 400 stuks, delen de kritiek. Écht? De VVD heeft zo’n 40.000 leden. De (selectieve) steekproef is dus gehouden bij één procent. Je hoeft geen statistisch wonder te zijn om te zien dat hier niets van klopt.

Als ze zo doorgaan is EenVandaag straks nog rijp voor een Emmy Award.

Christiaan Weijts