Hoelang duurde het na Zwarte Donderdag 1929 dat de AEX (of wat je toen had) tot onder de vijftig was gezakt, en de bedelstaf binnen ieders bereik lag?
Dat vragen mensen me soms, want ze denken: die man is oud, en ook die twee overlevenden van de Eerste Wereldoorlog blijken nog altijd goed voor smakelijke anekdotes.
Dus ik vertel dan graag dat de dollar op een gegeven moment zo waardeloos was geworden dat New Yorkse appartementen in de buurt van Central Park ermee werden behangen alsof het onderpapier was om ze toch nog een nuttige functie te gunnen (toen de New Deal een beetje op gang was gekomen is nog wanhopig met een scherp plamuurmes geprobeerd een paar exemplaren er zo onbeschadigd mogelijk weer af te krabben) – en natuurlijk het verhaal dat je in grote Amerikaanse steden maar even onder een wolkenkrabber hoefde te wachten, of je zag van acht-, twaalf- of drieëntwintighoog radeloze, failliet geraakte beleggers uit het raam springen, zoals toeristen vroeger speciaal naar Amsterdam kwamen omdat daar gemiddeld elke dertig seconden een auto de gracht in reed.



