Als kind propte mijn echtgenote eens vlak voor vertrek uit het gehuurde waddenhuisje handen vol schelpen in de stapelbedden. Geestige verrassing voor de volgende vakantiegangers. De verhuurders zagen de humor er niet van in en de familie hoefde nooit meer terug te komen.
Grote mensen doen dat ook: voordat ze de deur definitief dichttrekken de boel op stelten zetten. Toen Bill Clinton op 19 januari 2001 het Witte Huis verliet, maakte zijn jolige staf er een fikse janboel van: geestige verrassing voor de nieuwe bewoners. De Clinton-jongens rukten de letter ‘W’ van 62 achtergelaten toetsenborden, ze spraken spottende boodschappen in op de antwoordapparaten en mobiele staftelefoons, ze haalden klinken van deuren, lijmden laden vast, sloopten het presidentiële zegel van betimmeringen, en spoten schimpende teksten op de deuren van de gemeenschappelijke wc’s. De kosten van vervanging en reparatie: 14.000 dollar.
Het General Accounting Office, een onderzoeksbureau van het Congres, wist dat dergelijke grappen wel vaker werden uitgehaald voorafgaand aan een presidentiële machtsoverdracht, maar zó bont was het nog nooit gemaakt.
Nu was de sfeer er ook naar. De toenmalige bewoners hadden er behoorlijk de pee in dat Bush zich de verkiezingsoverwinning op onrechtmatige wijze had toegeëigend. Tot het allerlaatst had de hoop bestaan dat veel bij het oude mocht blijven. Toen de gewraakte opvolger uiteindelijk een paar mijl verderop werd ingezworen, hield de Clinton-staf ritueel huis: gewapend met schroevendraaiers en spuitbussen.
De vraag is of dat morgenochtend weer gaat gebeuren. Of de werkelijke actie zich in de kamers van het Witte Huis afspeelt, terwijl de ogen van de wereld zijn gericht op de historische gebeurtenissen op de trappen van het kapitool. Persvoorlichter Dana Perino heeft al bezworen dat het rustig blijft. „We gaan dit heel netjes doen”, zei ze. Net zo netjes als haar baas-voor-nog-maar-één-dag. Die schijnt de boel binnen de muren van zijn witte bastion veel beter op orde te hebben gehad dan daarbuiten. En zo’n reputatie gooi je niet op de laatste ochtend aan gruzelementen.
Floris-Jan van Luyn