Archief van berichten op 26 januari 2009

Wie is het ergst: Benedictus XVI? Sjeik Khalid Yasin? Of de directeur van Youth for Christ?

Benedictus heeft een bisschop terugverwelkomd in de schoot van de moederkerk die in 1988 door zijn voorganger was geëxcommuniceerd. Dat is zijn pontificale recht. Maar waarom moest het een bisschop zijn die volhoudt dat de Duitsers nooit gaskamers hebben gebouwd, laat staan dat ze daar Joden in zouden hebben vermoord? Roomse Auschwitz-Lüge.

Khalid Yasin is een rondreizende radicale moslim die in Nederland zijn opvattingen mag ventileren en die meteen (in nota bene Aboutalebs Rotterdam) zou hebben hebben gezegd dat de maker van Fitna moest worden gegeseld. Volgens zijn organisatie was het een vertaalfout, en had de sjeik gezegd dat Geert Wilders een tik op de wang of de vingers had verdiend. Maar toch een vorm van mohammedaanse handtastelijkheid.

lees verder

Bij mij gaan de haren altijd recht overeind staan als er weer eens een discussie voorbij dwarrelt over negatief nieuws en de schuld van de media. Ik moet dan altijd denken aan het land waaraan ik een flink deel van mijn leven heb besteed – aan China – waar journalisten de opdracht hebben pósitief nieuws te brengen. We weten allemaal waartoe dat leidt. Een hoop weggemoffelde kwesties en emoties, en vooral: gissen naar wat er werkelijk speelt.

Volgens voorspelbare tegenwerpingen gaat die vergelijking mank: we leven hier immers niet in een dictatuur. Maar als ik verscheidene commentaren op de crisis erop na sla, bekruipt mij het gevoel dat het zakenleven (en wel meer levens) daar in tijden van krapte stilletjes naar verlang(t)(en).

Was Nederland een kapitalistische dictatuur, dan was de crisis misschien wel nooit gebeurd. Dan had de staat zich automatisch opgeworpen als hoeder van de vrije markt, zou een enkele onverantwoordelijke speculant vroegtijdig achter slot en grendel zijn verdwenen, predikte de overheid zonneschijn en oefende het publiek een geforceerd vertrouwen. En o ja, niet te vergeten: veel positieve berichtgeving natuurlijk.

In China, kan ik met stelligheid zeggen, is het ook nóóit de schuld van de (nationale) media. Daar hebben ze andere zondebokken voor gevonden: het Westen, de democratie, de internationale media, neo-imperialisten, noem maar op.

Critici van de westerse pers hebben ons inmiddels geleerd dat de media ‘een vliegwiel van de economische crisis’ zijn geweest, ‘negatieve ontwikkelingen versnellen’, ‘banken en bedrijven kapot kunnen maken’, en ‘het vertrouwen in de markt aantasten’. En wat is zijn drijfveer? Geld verdienen natuurlijk: slecht nieuws verkoopt beter. Het bewijs: als het goed gaat met de economie, dan zoeken ze nooit uit waarom.

Tja. De positieve media van de kapitalistische dictatuur zoeken het wel uit, dat klopt. Alleen het vreemde is, alle positieve verhalen ten spijt, het gaat ook dáár slecht met de economie.

Maar wacht, dat is natuurlijk de schuld van het Westen, de democratie, de internationale media, neo-imperialisten, noem maar op.

Ik heb vrijdag voor het eerst naar het programma De Nieuwe Uri Geller gekeken. Nu hou ik in principe niet zo van goocheltrucjes. Ik wil dan namelijk weten hoe het werkt en zal uit alle macht proberen de goochelaar te corrumperen met bier, crack en een pak kaarten met blote meisjes erop, en áls ik het dan eindelijk uitgelegd krijg, is het eigenlijk altijd heel saai. Ik kijk ook altijd naar programma’s die trucs van illusionisten verklappen. Terwijl die worden gemaakt door en voor hele zielige mensen die zich altijd buitengesloten voelen.

Uri Geller – van de impotente lepels – zou dan weliswaar paranormaal zijn, maar mensen die trucjes doen en beweren dat ze een gave hebben vind ik eigenlijk ook onuitstaanbaar. Je kúnt er ook niet zoveel mee: ‘Ah Uri, je hebt een lepel gebogen.’ ‘Yep, met de powers of my mind.’ ‘Jeetje. Wat knap. Nou. Ik zie je later wel weer, oké?’ Toch zat ik vrijdag klaar. Dat kwam doordat het in dat programma steeds mis ging: in Duitsland was er bijna iemand verdronken en hier was ene Angelique geschampt door een speer. Het idee van een Idols-achtige voorronde van paranormalen, waarin ze steeds de verkeerde kaart raadden en de sleuteltjes van hun eigen kooi kwijtraakten ergens in hun lijf, ja, dat deed me wel wat.

Er werd een opvolger voor Uri Geller gezocht, en in een show vol onheilspellende synthesizermuziek lieten kandidaten hun krachten zien, allemaal sprekend in dramatisch staccato: ‘Dit! Is! Levens! Gevaarlijk!’ (Evert Santegoeds zorgde overigens voor een mooi absurdistisch randje: hij nam als levensreddend geluksvoorwerp een afstandsbediening van Shownieuws mee, wat resulteerde in zinnen als: ‘Denk aan de afstandsbediening! Alleen die kan je leven redden!’)

De ‘experimenten’ hadden te maken met gedachtenlezen, dobbelstenen laten bepalen in welk hokje iemand zit (eerst de andere hokjes platbranden) en een veer laten zweven. En ik was een beetje in de war: dit waren gewoon goocheltrucs. Het enige verschil met Hans Klok was dat de kandidaten minder leuk wapperend haar hadden. Het werd gepresenteerd als magie, als bovennatuurlijk. Maar de kandidaten weten waar de touwtjes en verstopte magneetjes zitten, en het programma ook. Mag je dan zomaar iedereen voor de gek houden? Hoewel heel Nederland dit waarschijnlijk al wist, voelde ik me intens beledigd, en herinnerde me er toen weer aan dat ik niet tegen goocheltrucs kan. Ik ben dan ook geen voorstander van een nieuwe Uri Geller. Laten we eerst de oude opmaken.