Aaf Brandt Corstius: Ik leek in niets op een muffin
Er was sprake van een modedrempel. Waarom zou ik me willen kleden in de stijl van een matroos, Marlene Dietrich, Mickey Mouse en moeders uit de jaren zeventig? Vorig jaar, toen de hoge broeken ineens in de winkel lagen, dacht ik er nog op die manier over.
Maar zoals dat gaat met mode, veranderde er geleidelijk iets in mijn perceptie van de hoge broek. Voor degenen die niet precies voor de geest hebben in wat voor broek een matroos en Marlene Dietrich zich hullen: het is een wijde, beetje Volendammer broek die wel strak is rond de dij, en die niet eindigt op de heup of de taille, maar ver boven de navel. Meestal zitten er allemaal knopen op het grote stuk textiel dat rond taille en buik zit (zie, qua modehistorie, een willekeurige afbeelding van Mickey Mouse, met die glanzende knopen op zijn buikje).
Gisteren paste ik in een winkel mijn eerste hoge broek, ontworpen door de zussen Penélope en Monica Cruz. Ik kan me niet voorstellen dat Penélope Cruz tijd heeft om broeken te ontwerpen, maar misschien is het een vriendendienst voor haar lelijkere, mode-ontwerpende zusje dat die haar naam op het label mag vermelden.
Ik knoopte de knopen dicht en keek in de spiegel.
Ik had matroos moeten worden, drong het tot me door. Dan was mij jarenlang allerlei broekmisère bespaard gebleven. Zijkwabjes verdwenen door die grote tailleband. Mijn buik werd gladgestreken. Mijn benen waren dertig centimeter langer. Ik leek in niets op een muffin, zoals de Amerikanen vrouwen met overbubbelend broekvet noemen.
Ik verheugde me erop om deze broek elke dag te dragen, in verschillende kleurstellingen, tot het hoogzomer was. En ik verheugde me erop dat andere vrouwen dat ook gingen doen, en hun heupbroeken weg zouden gooien. Nooit meer zou ik in een café een broodje naar binnen moeten werken met uitzicht op de vergeelde string van een andere vrouw. Nooit meer zou ik op de fiets rijden achter een meisje met zo’n streep rugvlees in zicht, vlekkerig rood of blauw door de kou. Nooit meer zou ik onvrijwillig geconfronteerd worden met de barokke, bloemrijke tatoeages die veel vrouwen om de een of andere reden tien centimeter boven hun billen hebben.
Vanaf nu zou de regio boven de bil, de regio van de zijkwabjes en de regio van het overbubbelende buikje lekker stevig in hoge broeken zitten. Tijd voor een rituele heupbroekverbranding.



