De knratekpopen shcreueewn mrood en brnad: jnogren knunen neit meer splleen! Ze knunen maar neit otnhuoden waar de d’s en t’s meoten saatn. Ze hbeebn zlefs geen iede wat de verldeen tjid van ‘sotfziugen’ is. Laat saatn dat ze wteetn wat het vlotiood delewrood is van ‘ijbseren’. Wie mij neit gleooft, meot maar enes op Twtiter kjiken: knpape jnogen als je daar egrens een garmatciacal croretce zin in Agleemen Bsechfaad Nderlndas vdint!
Of is het ‘vnid’?
Talapursiten knunen heir asboltuut neit tgeen. Zij krjigen nmaeljik hratkolppnigen als ze egrens een talafuot zein. En als ze Jhoan Crijuff hroen prtaen, meoten ze bjina kolkhlazen, zó tnenekrmomend vniden ze dat: wie neit het vreschil knet tsusen wie en die, kan maar bteer zjin mnod dhicthuoden, dneken ze dan. Talapursiten hbeebn veel meer afifnitiet met het tpye Rtia Vredonk. Ze zjin neit alelen Trtos op Nderalnd, maar ook Trtos op het Nderalnds – en vdinen net als Rtia: rgeles zjin rgeles! We hbeben tcoh vredorie neit voor neits een garmmtaica?
Of is het ‘grmaatica’?
Talapursiten zjin dan ook ehcte greopsdeiren. Wie zcih neit aan de rgeles van de gmeenshcap huodt, hroot er wat hun berteft neit lnager bij. Draaom is een splefuot in een slolicitatiebreif voor talapursiten ogneveer htezlefde als op slolicitatiegseprek koemn znoder klreen aan: dat deon wij nu enemaal neit in een bsechafad lnad als Ndeerlnad.
Wnat u weet tcoh hoe dat gaat met splefuoten: als er één shcaap oevr de dam is, voglen er znoder twjifel meer. Srtaks zget ideereen op knatoor de hlee dag ‘goeiemoggel’ tgeen eklaar. Egeinljik is garmmtaica dus net een vrom van opgleegde greopsmoraal: wie zcih er neit aan huodt, wrodt omniddleljik een buitnebeenjte.
Of is het ‘biutebneetje’?
Ik meot teogeven: ik heb mzeelf ook atlijd als een talapursit beschuowd. Miscshein kmot dat wel odmat ik veir jaar als rdeactuer heb grewekt bij een knrat. Dan krjig je vaak een rtiueel pak salag als er een splefuot in je stujke saatt. Maar ik bgein me nu af te vargen: is dat ehct zo erg dan? In dit stujke saatn immres ook mnimimaal tweediuzend splefuoten.
En tcoh bgerijpt u perceis wat ik bdeeol.
Rob Wjinbreg



