Archief van berichten op 4 mei 2009

Toen ik in het voorjaar van 2003 in het vliegtuig naar Hongkong stapte, was dat leeg. De longziekte SARS was de oorzaak. De bediening van het KLM-personeel was nog nooit zo aandachtig geweest. Maar goed, dat kan al snel.

Hoe dan ook, verstandige geesten hadden in het Oosten van de globe niets te zoeken en dus bleven de meesten thuis. Aan SARS gingen mensen dood, wereldwijd 810 in 29 landen, en China was de plek waar het allemaal was begonnen.

De paniek was groot. In Hongkong raakte je de krukken van de deuren niet meer aan. Armen en knieën stegen tijdelijk in aanzien. Telefoonbedrijven waren zo behulpzaam per sms te waarschuwen wanneer de argeloze bezoeker zich binnen honderd meter van een SARS-locatie bevond.

De SARS-verdachte werd een outcast. En de SARS-doktoren waren de Amerikaanse brandweermannen van de virusaanslag, zo werden zij op handen gedragen – mits voorzien van mondlap, rubber handschoenen en gegoten in gestaald beton.

De paniek was zo groot, dat Azië werd gemeden als de SARS, evenals degenen die er vandaan kwamen. Mijn bezoek, beroepshalve – ik deed verslag over het virus – werd eenmaal huiswaarts gekeerd door weinig mensen op prijs gesteld. De verontwaardiging over zoveel roekeloosheid was alom

De diagnose destijds was dat de paniek sneller om zich heen greep dan SARS. Maar dat de paniek eigenlijk veel ziekelijker bleek dan SARS, kreeg geen aandacht.

Met de varkensgriep is het niet anders. Nu die in steeds meer landen opduikt en zelfs een heel hotel in – hoe kan het ook – Hongkong onder quarantaine is geplaatst, vertellen deskundigen opnieuw dat de paniek groter is dan de ziekte.

Maar wat zeggen ze over de ziekelijkheid van de paniek? Helemaal niets. Terwijl er toch op veel meer plaatsen melding wordt gemaakt van paniek. Wie slaat daar de vaccins voor in? Zijn die er eigenlijk wel? En als ik nou eens naast iemand met paniek in de trein heb gezeten?! Is het besmettelijk als je iemand in paniek de handen hebt geschud? Mijn god!

In de dagen na Apeldoorn hebben we veel cultuurhistorische, antropologische, psychopathologische en sociaal-politieke geleerdheid moeten slikken. Desondanks miste ik Herostratos.

Herostratos was een Griek (‘stille, rustige man’, getuigden al zijn buren; altijd op tijd met de huur) die op een dag naar Efeze reisde en daar de tempel van Artemis in brand stak. Dat was 356 voor Christus. De tempel gold als een wereldwonder, waarbij je in aanmerking moet nemen dat de toenmalige wereld een stuk kaler was dan de tegenwoordige.

lees verder

Vlak voordat ik zondagmiddag het huis verliet om naar een feestje te gaan, lag mijn vriend in een diepe slaap in bed. We zouden samen naar het feestje, maar ik besloot alleen te gaan. Hij had het, vlak voor hij naar bed was gegaan, over allerlei pijnen en ongemakken gehad. Ik liet hem dus verder slapen.

Bij het feestje vertelde ik een bekende dat mijn vriend thuis in bed lag. Het was gewoon borrelpraat, maar haar gezicht betrok. ‘Misschien’, zei ze, ‘is het die griep.’

‘De Mexicaanse?’ zei ik lacherig. ‘Ja’, zei ze. ‘Dat kan toch? Is helemaal niet erg, want er zijn gewoon medicijnen tegen. Maar je moet wel even zijn temperatuur gaan opnemen. En met hem naar de huisarts. Die weet wel of het de Mexicaanse griep is.’

lees verder