De uitgever heeft voor dit artikel geen publicatierecht
Archief van berichten op 22 mei 2009
Heeft een krant buitenlandse correspondenten nodig?
Ja, allicht. En liefst zoveel mogelijk, zodat de correspondent in Mexico City niet ’s nachts uit z’n bed hoeft te komen voor een uitslaande brand op Vuurland, want daar hadden we nog een andere Latijns-Amerikaanse deskundige.
Ik was het dus van harte eens met buitenlandcommentator Paul Brill die woensdag op de opiniepagina van de Volkskrant de staf brak over dagbladen die hun correspondentennet verkleinden met het argument dat je de belangrijkste nieuwsfeiten ook gratis van internet kunt halen. ‘Dit is een ernstige verschraling’, schreef Brill. ‘De beste correspondenten zijn zij die de tijd en de ruimte krijgen werkelijk te wortelen in de samenleving waarover ze berichten’.
Het is maar goed dat de internetboom voorbij is, want ik had me niet weten te redden als ik werk had moeten vinden in de internetboom. Ik heb geen gevoel voor internetzaken. Zo heb ik, toen Marktplaats.nl begon, voorspeld dat het niets zou worden.
Dat was een heel slechte voorspelling. Laatst kreeg ik een vrolijke mail van Marktplaats, dat ze al tien jaar bestonden. En ik geloof dat de jongens die erachter zitten, nu miljardair zijn.
Ik ging indertijd af op het uiterlijk van Marktplaats, dat in tien jaar amper veranderd is. Die beige achtergrond, dat lelijke logo, die vele, kleine, bruine lettertjes. En het storende feit dat als je een poes zoekt, je ook een placemat met daarop een afbeelding van een poes vindt. (Of soms zelfs eerder de placemat met de poes erop dan de poes zelf.)



