Aaf Brandt Corstius: Het Telefoontje was kort en anticlimactisch

Gisteren zag ik de eerste rugzak aan een vlaggenstok hangen. De zon scheen, de rugzak wiebelde. Het was een mooi gezicht.

Daarna las ik een krantenartikel over eindexamenkandidaten die de hele dag zenuwachtig zaten te wachten op het telefoontje. Het Telefoontje: of ze geslaagd waren of niet. En toen realiseerde ik me iets onpoëtisch: scholieren worden tegenwoordig natuurlijk gebeld op hun mobiele telefoon. Ze kunnen tijdens dat wachten gewoon naar buiten. Iets leuks doen. Picknicken. Breezers drinken. Rondlopen.

Dit vond ik oneerlijk. Toen ik achttien was, zestien jaar geleden, moest ik de hele dag van Het Telefoontje thuisblijven, in spanning. Waarom ik thuisbleef, en waarom ik in spanning zat: geen idee. Ik moest wel heel veel tweeën en drieën hebben gehaald om nog te kunnen zakken. Maar goed, als puber leef je met veel waanideeën over jezelf: dat je de lelijkste van de wereld bent, dat niemand ooit van je gaat houden, dat het een goed idee is om al je meubels met zilverpapier te bekleden. Dan is het ook best makkelijk om je te verbeelden dat je ineens, na jaren zevens en achten, bij het allerlaatste examen alleen maar tweeën en drieën haalt.

Het Telefoontje was kort en anticlimactisch. Een leraar zei ‘Hallo, je bent geslaagd’, en hing toen gauw op om de rest van de leerlingen te bellen, die ook allemaal thuis bij grote bakelieten telefoons zaten te wachten.

De rest van mijn leven kon beginnen, maar ik was maar met één ding bezig: wat voor schoenen moest ik aan naar de diploma-uitreiking?

Ik weet nog dat ik ze na dagen zoeken vond bij Taft in de Amsterdamse Kalverstraat. Ze waren zwart, van suède, met een lompe vierkante hak. Ik kon er kleine afstanden op strompelen, maar dat was genoeg: ik hoefde die middag alleen van mijn stoeltje in de aula naar het podium te lopen om een diploma in ontvangst te nemen waarop de lerares Latijn met zorg mijn naam had gekalligrafeerd.

De uitreiking beviel me niet: de lerares die over mij speechte, zei dat ik veel doorzettingsvermogen had. Dat was helemaal niet waar, vond ik, en bovendien een verkapte belediging. Ik wilde liever dat ze over mij vertelde dat ik het diploma ondanks volstrekte luiheid had behaald door genialiteit.

Ook een anticlimax dus, net als Het Telefoontje. Een goede voorbereiding op grote delen van het volwassen leven.