Rob Wijnberg: Opperste Leiders
Revolutie? Laten we nou niet doen alsof in Iran een sociaal-democratie op uitbreken staat. Je zou, door al die protesten, haast vergeten dat beide presidentskandidaten eerst door de Opperste Leider, ayatollah Khamenei, verkiesbaar zijn gesteld. Dat één van hen, Ahmadinejad, de overwinning al binnen had vóór de stembussen goed en wel gesloten waren, hoeft dus niet te verbazen. Maar al was dat niet zo geweest: had het uitgemaakt, denkt u?
Ik bedoel, uitdager Mir Hussein Mousavi was in de jaren 80 acht jaar lang de rechterhand van president Khamenei – de dictator die nu zijn kiezers onderdrukt. Wij noemen Mousavi steeds een ‘hervormer’, omdat hij op papier de staatstelevisie wil privatiseren, de zedelijkheidspolitie wil afschaffen en de grootayatollah uit zijn almacht wil ontheffen. Ja, succes gewenst. Ayatollah Khamenei mag dan een moslim zijn, hij is geen zelfmoordterrorist. Hoe groot acht u de kans dat hij zich de nek laat omdraaien door zijn eigen kandidaat? De vorige president, Mohammed Khatami, had ook al zo’n progressieve agenda: die is net zolang gesaboteerd tot president Ahmadinejad het resultaat was. En vergis u niet: van dát systeem is Mousavi net zo’n groot voorstander als zijn opponent. Hertelling of niet, in Iran blijft er dus maar één die de president kiest – en dat is niet het volk.
Wouter Bos doet dit trouwens precies andersom. Hij kiest vlak voor de Europese verkiezingen eerst een Opperste Leider, lijsttrekker Thijs Bermanei, maar stemt vervolgens zélf op iemand anders. Daar sta je dan, als volk. Heb je net je vertrouwen gegeven aan de man die in het campagnefilmpje nog de ‘ideale lijsttrekker’ werd genoemd omdat hij zo ‘eerlijk’ is, blijk je op de zesde keus te hebben gestemd. In tegenstelling tot Bos. De PvdA-leider zei in hetzelfde filmpje weliswaar dat ‘zelfs de grootste eurosceptici moeten toegegeven dat Europa het afgelopen jaar heeft laten zien dat je, door sterk en verenigd te zijn, hele grote ongelukken buiten de deur kunt houden’, maar besloot toch te stemmen op René Cuperus, omdat hij – frons gerust – ‘eurosceptisch is’.
Tja, eigenlijk is de sociaal-democratie in Nederland er net zo aan toe als die in Iran: alleen een revolutie kan haar nog redden. Maar dan heeft ze wel andere leiders nodig.



