Aaf Brandt Corstius: Een soort Fame-meets-Krachtwijk

V anavond is de documentaire De nieuwe elite op tv, over het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam, het zwartste gymnasium van Nederland.

Ik behoor kennelijk tot de oude elite, want ik zat op het Vossius Gymnasium in Amsterdam, een zeer wit gymnasium. De allochtonen die daar rondliepen herinner ik me stuk voor stuk, omdat het er zo weinig waren, namelijk twee. Er was een vluchteling uit Iran, van wie we Iran Perzië moesten noemen. En er was een Surinamer.

Nog steeds als ik langs mijn oude school fiets, zie ik daar een kluwen verveelde, rokende, blanke kinderen met merkkleren staan.

Maar in Rotterdam zijn ze dus een stap verder. Ik heb de film al bekeken, en het is waar: op het Erasmiaans lopen mensen in allerlei kleuren rond. Het is een soort Fame-meets-Krachtwijk: op de gang zit een Aziatische jongen piano te spelen, en in de leerlingenraad vergaderen kakjongens, moslims en Surinamers ernstig over het nieuwste probleem op school: bloedvlekken op de meisjes-wc’s.

Gelukkig voor een gymnasiast van de oude stempel waren er ook herkenbare elementen. Zo zijn de leraren nog steeds knoestige oude mensen, gaat het nog steeds de hele tijd over de ablativus, zijn alle ramen van glas in lood, en gaan de vijfdeklassers nog steeds op Rome-reis, waarbij de leraar in de bus extatisch dingetjes over de oudheid door een microfoon prevelt terwijl de leerlingen slapen.

De film volgt een aantal allochtone leerlingen. Net zoals bij ouderwetse blanke gymnasiasten hangt het voor negentig procent af van de ouders of het wat wordt. Het helpt als je moeder een intellectuele balling uit Afghanistan is. Het helpt niet als je moeder je halverwege het schooljaar meeneemt naar Turkije, zonder retourticket.

In een confronterende scène ontmoet Sara, een tweedeklasser met hoofddoek, Ebru Umar, een oudleerling van het Erasmiaans. Ebru Umar is tegenwoordig marginaal columnist voor Metro, ze heeft een rubriekje in Libelle, en is altijd de eerste in het kaartenbakje als een talkshow een Nederlands-Turkse vrouw zoekt die akelige dingen over moslims of Job Cohen wil roepen. „Onze Turkse werkster had een hoofddoek”, zegt Ebru tegen Sara. „De elite daagt geen hoofddoek. Punt.”

Ik weet niet hoe Ebru dat allemaal weet, over die elite, want ze behoort zelf niet bepaald tot de crème de la crème van Nederland.

Maar Sara trekt het zich niet aan. Ze gaat aan het eind van het jaar gewoon over naar de derde klas.