Archief van berichten op 12 november 2009

Je hoort het heel vaak. Je weet precies wat ermee bedoeld wordt. En toch is een raar woord. Het woord ‘hoor’. Het is alleen een raar woord als het achter een zin wordt geplakt, als een soort geruststelling. „Komt wel goed, hoor.” Of: „Kies maar wat uit, hoor.”

Je vraagt je af hoe ‘hoor’ ooit die geruststellende bedoeling heeft gekregen. Zou het een afkorting zijn van ‘hoor je wat ik zeg’? Maar waarom zou dat dan geruststellend zijn? Wat heeft horen met geruststellen te maken? Mysterieus.

Er zijn niet zo veel werkwoorden die je op die manier achter een zin kan plakken. Je kunt het met ‘zeg’ doen. Maar als je ‘zeg’ ergens achter plakt („Wat is dat een lekkere brownie, zeg”), dan fungeert dat alleen maar als een bevestiging van wat eerder al gezegd is. Met ‘hoor’ komt daarentegen de hele zin in een nieuw daglicht te staan.

Want wat is het geval met geruststellingen? Die zijn vaak niet zo geruststellend. „Ik zou me er maar niet zo druk over maken” is bijvoorbeeld meestal reden om je meteen heel erg druk te gaan maken.

Daarom is er een wereld van verschil tussen: „Ik vind mijn opleiding heel leuk” en: „Ik vind mijn opleiding heel leuk, hoor.” In het laatste geval hangt er een ‘maar’ met het gewicht van een aambeeld in de lucht, klaar om te vallen.

In verreweg de meeste zinnen waar ‘hoor’ achter gezet wordt, wordt iets negatiefs uitgedrukt. „Leuk stukje heb je geschreven, hoor.” Hé, bedankt.

‘Hoor’ gaat wat dat betreft hand in hand met ‘heus’. Heus wil iets uitdrukken over waarachtigheid, maar het omgekeerde is natuurlijk het geval. „Het is heus niet mijn bedoeling om iemand hier de schuld te gaan geven…” Maar dat is bij dezen gebeurd.

‘Hoor’ en ‘heus’ kunnen trouwens ook gecombineerd worden, en dan weet je helemaal dat er iets loos is. „Ik vind je heus wel heel lief, hoor.” Jaja.

Bij elke vaccinatiegolf moet de overheid tegenwoordig gelijktijdig strijd leveren tegen het virus van de internetgeruchten. Zo flopte het inenten tegen baarmoederhalskanker door angstverhalen die meisjes elkaar vertelden op internet.

Het verschijnsel past in een bredere trend: door wantrouwen tegenover autoriteiten kapen amateurstemmen (‘onderbuik’, ‘gewone man’) de publieke ruimte om er een kermis van te maken waar hun irrationaliteit ongeremd tekeer mag gaan: angst, woede, verontwaardiging. Het geruchtenvirus is vooral onder jongeren actief. De overheid onderschat nog steeds de gigantische macht van virtuele roddelreservoirs als Facebook, Hyves, Twitter en MSN.

Op tv opperde een adviseur dat medewerkers van minister Klink (Volksgezondheid, CDA) zich maar in die digitale groepen moeten mengen. Vaccinatie via infiltratie. Veel succes. Zo’n voorlichtersfiguur is volstrekt kansloos in de virtuele peer groups.

Tot nu toe is alleen Barack Obama erin geslaagd politiek succes te behalen uit die internetgroepen en dat is omdat hij jongeren in z’n team had, die de juiste taal spraken, en omdat hij een beweging tégen de gevestigde orde was. Het is oneindig veel lastiger internetgemeenschappen ergens vóór te mobiliseren dan ergens tégen.

En hoe reageert Ab Klink? O, hij voert wel degelijk online campagne, zegt hij. Hij roept immers heel hard dat mensen vooral op grieppandemie.nl moeten kijken. Maar dat je een website hebt, wil nog niet zeggen dat je gezag hebt op internet, wat zeker onder de vlag van een overheidslogo bijna onmogelijk is. Op internet zijn autoriteiten immers per definitie verdacht, terwijl de waarachtigheid van wat tientallen anonieme commenters gelijktijdig beweren niet ter discussie staat.

En wat zegt Klinks site? Dat wetenschappers ‘verwachten’ dat de vaccins tegen de Mexicaanse griep ‘even veilig’ zijn als die van de gewone seizoensgriep. Heel eerlijk natuurlijk, maar voor angst en doemdenken zie ik voldoende licht.

De werkelijkheid heeft het namelijk afgelegd tegen de representatie van de werkelijkheid, tegen de beeldvorming. En die laat zich nauwelijks sturen.

Christiaan Weijts

Het is echt erg. Heel erg. In België is het echt hééél heel erg. En dan nog durven ze te beweren dat vrouwen zagen en in herhaling vallen, maar het is toch verdomd erg. Hoe meer ik erover denk, hoe meer ik het moet herhalen.

In België is de ongelijkheid tussen man en vrouw, de kloof tussen mannekes en wijvekes, de onevenredige verdeling tussen reuen&bitches echt schrijnend. (Een beetje variatie in de herhaling houdt me eindeloos aan de gang.) De negen ballen van het Atomium zijn de mannelijke nationale trots van mijn land, de vrouwen krijgen de jaarlijkse katholieke bloedprocessie van Brugge.

lees verder