Archief van berichten op 9 december 2009

‘Vrouwen zien elkaar nog te veel als concurrenten.’ zei Neelie Kroes in een interview met Elsevier vorige week. ‘Ze zouden onderling wat genereuzer mogen zijn.’

Juist om dit soort uitspraken is ze een onnatuurlijk boegbeeld van de vrouwenbeweging. Prijsafspraken, overheidssteun, kartelvorming, werden grof aangepakt onder haar bewind. Maar op de werkvloer is concurrentievervalsing blijkbaar wel geoorloofd. Wat mannen niet mogen: samenspannen tegen vrouwen, mogen vrouwen, nee moeten vrouwen wel, om elkaar in het zadel te houden.

Neelie Kroes is iemand waar ik anti-feministisch van wordt. Zij is het rolmodel van de vrouw die geen hulp nodig heeft. Sterker nog, ze paste zo goed in de elite van de Europese politiek, dat ik er nooit bij stil had gestaan dat ze een vrouw was. Of althans, dat dat iets bijzonders zou zijn.

Vroeger konden vrouwenrechten haar niet boeien. Nu, als eurocommissaris, pleit ze gepassioneerd voor quota, zoals in Noorwegen waar 40 procent van de top in het bedrijfsleven uit vrouwen moet bestaan. En niet alleen dat: vrouwen zouden ook niet meer met elkaar moeten concurreren.

Want willen de feministen dat zulke quota een succes worden, dan moet het inderdaad afgelopen zijn met die onderlinge strijd. Als er eenmaal een bepaald percentage vrouwen in de top van het bedrijfsleven zit, dan moet dat natuurlijk wel zo blijven. Wat gebeurt er als die 40 procent is gehaald? Is het mannenkartel dan doorbroken en mag het quotum afgeschaft worden? Of moet het quotum blijven, omdat anders de percentages weer naar beneden sijpelen? Wat als blijkt dat dat mannenkartel eigenlijk niet bestond en vrouwen zelf ook meer mannen in de raad benoemen (omdat ze nu eenmaal meer capabele mannen in de subtop vinden)?

Volgens mij betwijfelt Kroes nu al of zo’n hoog percentage vrouwen in de top zonder discriminatie in stand kan blijven. Er is niet alleen discriminatie nodig van de regering, maar ook van elke vrouw in zo’n topfunctie. Ze moeten elkaar benoemen, anders zullen de quota altijd moeten blijven. En waarschijnlijk gaat die overheidssteun zelfs Kroes te ver.

Rosanne Hertzberger

‘Onze-Lieve-Heer heeft vreemde kostgangers’, zegt mijn oma vaak. ‘Je hep leipe mensuh, ouwe’, zegt mijn buurjongen regelmatig. Ze bedoelen hetzelfde. Op deze wereld lopen veel eigenzinnige figuren rond. Het zou me niets verbazen als ze in aantal toenemen hoe langer ‘De Crisis’ voortduurt (een rijkaard die bankroet gaat, schijnt niet zelden een comeback te maken als zelfverklaarde Napoleon of Caesar). Deze mensen lopen in een aparte outfit, schreeuwen leuzen of leven te midden van een eigenaardig interieur. Ik vind dat we die mensen nodig hebben. Gewoon om ons te helpen herinneren dat het eigenlijk niet zo nodig hoeft: ‘normaal zijn’. Sterker nog, ik vind ze vaak minder beangstigend dan menig gelikte krijtstreepdrager waar elke vorm van menselijkheid uit lijkt te zijn verdwenen.

lees verder

Ab Klink, dat lijkt me veruit de gezelligste, meest werkschuwe, maar daarom des te relaxter minister uit Balkenende IV.

Hij is zoals bekend van volksgezondheid. Eigenaardig woord natuurlijk als je denkt aan paddo’s, rookverbod, elektronisch patiëntendossier, baarmoederhalskanker, Mexicaanse griep, 34 miljoen vaccins en de Q-koorts. Die laatste kwaal schijnt hij nu in samenwerking met Gerda Verburg (Landbouw) te moeten behandelen, van wie het tenslotte ook de schuld is. Net als Ab – van wie je het soms vergeet– is Gerda van het CDA, en in die hoedanigheid, zou je kunnen zeggen, medeveroorzaakster van alle ziektes die met te veel beesten in één stal te maken hebben.

lees verder