Archief van berichten op 17 december 2009

Bij de klimaattop in Kopenhagen blijkt maar weer: er wordt wat afgepraat over het klimaat. Los van of het klimaat weer terugveranderd kan/zal worden, staat in ieder geval vast dat de taal zich onherroepelijk heeft aangepast.

Vroeger heette het klimaat nog ‘het milieu’. En dat was een belangrijk onderwerp. Als spreekbeurten in de jaren tachtig niet over de zeehondjes of Ethiopië gingen, dan gingen ze over a) zure regen of b) het gat in de ozonlaag. De kinderen van vandaag moeten hem geloof ik allemaal doen over klimaatverandering, en meer specifiek: over een ijsbeer op een smeltende ijsschots.

Daarnaast zijn woorden als klimaatneutraal, CO2-uitstoot, biobrandstof, hybride en groene stroom normale woorden geworden. Ook zoiets: spaarlamp. Vroeger een heel obscuur woord voor de allergrootste geitenwollo’s, nu toch echt al weer een tijdje ook voor gewone mensen.

Voordat het klimaat iets was dat aan verandering onderhevig was, was ‘het weer’ het lievelingsgespreksonderwerp van de Nederlander. Door de klimaatverandering is dit onderwerp helaas verpest. Het is onmogelijk om nog een beetje vrijblijvend over ‘warm voor de tijd van het jaar’ te praten. Of over ‘te veel regen, mijn borders verzuipen erin’. Als je zoiets zegt, is er meteen iemand die zegt: „Jaaa… klimaatverandering hè.” Met een bezorgde blik naar de lucht. Dat gebeurt bij extreem koud weer, of bij extreem warm weer, en trouwens ook bij weer dat warm noch koud is, maar meer ‘opmerkelijk gematigd’.

De film An Inconvenient Truth, van Al Gore, was blijkbaar zo belangrijk dat de term meestal niet vertaald wordt. Vraagt iemand zich hardop af of we dit jaar een Elfstedentocht zouden krijgen, dan kun je twijfelachtig kijken en zeggen: „Nou ja, een inconvenient truth, hè.” Het fijne aan deze term is dat je niet echt inhoudelijk iets zegt, maar meer aangeeft dat je wel eens aan het klimaat denkt. En dat is in deze tijd natuurlijk altijd een pluspunt.

Er vindt ook creatieve taalvernieuwing plaats. Gehoord in een roddelgesprek over een vrouw: „En altijd maar dat gezeur over die spaarlampen… Ik vind haar echt een inconvenient trut.”

paulien cornelisse

Altijd gedacht dat de christen-democratie stoelde op naastenliefde en het onderhouden van de zwakkeren, maar nu presenteert het CDA zijn nieuwe koers. ‘Op Eigen Kracht’ is het motto bij het rapport dat het Wetenschappelijk Instituut van de partij schreef.

Behalve de slogan lijkt ook de inhoud eerder met de VVD-vulpen te zijn geschreven dan met het christelijke schoolkrijtje. Het mes moet in de zorg, de sociale zekerheid en de overheid. Uit de voorstellen: bevries de ambtenarensalarissen, geef de huurprijzen vrij, verkort de WW, en laat ouderen hun eigen rollator betalen.

Dit rapport, een opmaat voor een nieuw verkiezingsprogramma, is een openlijke flirt met Mark Rutte, en misschien ook met Alexander Pechtold. Nu het huwelijk met links met zoveel plakband aan elkaar zit (alleen al de idiote constructies bij de JSF en het Irakonderzoek!), en de PvdA met de dag dieper wegzinkt, is het CDA blijkbaar gaan inzien dat het einde nabij is, en maakt ze een ruk naar rechts, blijkbaar in de hoop op een coalitie met de liberalen.

Balkenende ontkent dit allerminst. Elsevier vroeg hem in het kerstnummer of de PvdA hier wel akkoord mee zou gaan. Antwoord: „Elke denkbare coalitie moet deze richting inslaan.” De verzorgingsstaat heeft ons, zegt hij, „te risicomijdend” gemaakt. In de jaren vijftig weigerden sommigen tenminste nog hun AOW-uitkering omdat ze leunen op de staat zwak vonden. Die „winnaarsmentaliteit” moet terugkomen.

Anders gezegd: laten we afrekenen met de losers.

Als kerstboodschap mag dat dan een opmerkelijke mededeling zijn, als teaser voor VVD en D66 is het effectief. Balkenende V wordt Balkenende II. Nu dat huwelijksaanzoek zo opzichtig gedaan is, is het de vraag hoe lang de plakbandcoalitie nog stand houdt. Niet lang meer, vermoedelijk. En dat is ongetwijfeld precies wat het CDA wil.

Rutte en Pechtold moeten maar eens praten, onder de kerstboom. Zij hebben nu de macht om Balkenende nog meer christelijke waarden te laten inwisselen voor liberale. Laat die huwelijksvoorwaarden maar getuigen van een winnaarsmentaliteit.

Christiaan Weijts

Stel dat ik gevraagd was als ingenieur-adviseur om destijds Geert Dales te informeren over de Noord-Zuidlijn. De kans dat dat daadwerkelijk was gebeurd is gering, omdat ik ongeveer even technisch ben als een walnoot, maar toch. Als het zo was, dan zou ik het volgende betoog gehouden hebben in de raadsvergadering.

„Geachte voorzitter, geachte meneer Dales, leden van de raad. Na een kort maar intensief onderzoek kan ik u vertellen dat er meer wegen zijn die naar Rome leiden. Of, relevanter in dit geval, meer wegen die van het Buikslotermeerplein (Noord) naar Station Zuid leiden.

lees verder