Maartje Wortel:

Tegen alle regels in

Het is alweer een paar jaar geleden dat ik in huis woonde bij een Iraanse man. Hij stond de hele dag te koken met zijn trainingsbroek aan terwijl hij naar Radio 1 luisterde en goedkope sigaretten rookte. Hij had een eigen bedrijfje gehad in brandblussers maar was failliet gegaan, omdat niemand hem vertrouwde.

Toen ik bij hem kwam wonen stond de hele gang vol met brandblussers, wat heel brandonveilig is, zo’n volgestouwde gang. Bijna iedere week kwamen er mensen van de gemeente langs om vragenlijsten met hem in te vullen. Wat voor vragen er op de lijsten stonden weet ik niet, maar ik hoorde hem vaak zeggen: „I do not understand”. Een zin waarmee je meerdere kanten op kunt natuurlijk.

Hij kon prima Nederlands lezen, schrijven en begrijpen; hij zei dat hij het grappig vond om aan de verwachting van de mensen van de gemeente te voldoen, dat hij daar zijn vreugde uit haalde, een zekere vorm van oplichterij.

De bezoekjes van de mensen van de gemeente eindigden steevast in geschreeuw omdat de Iraanse man de regels die hem opgelegd werden belachelijk maakte; hij vond het regels van niets. Eén keer werd er zelfs een brandblusser van de trap geflikkerd.

Toen ik gisteren las dat er honderden banen gaan verdwijnen bij de gemeente Amsterdam (alsof het een truc van Hans Klok is), voelde ik me heel even opgelucht voor alle partijen. Toch weet ik zeker dat de mensen van de gemeente ook om de Iraniër moesten lachen, dat kan niet anders.

Opvoedkundig gezien moet je dat nooit laten merken natuurlijk, net als wanneer je een kind straft terwijl hij in principe iets prachtigs doet; iets wat je ook zou willen durven, maar durf moet je afleren, daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen. Te veel lef schept een gevaarlijke wereld. Dan gaat iedereen doen waar hij zin in heeft, zoals in Iran, en dat kan de bedoeling niet zijn.

In Iran beginnen ze vandaag met het verrijken van uranium tot 20 procent. Niemand weet wat dat precies betekent of gaat betekenen, er zijn alleen vermoedens.

In Iran hebben ze de vragen netjes en met een glimlach beantwoordt: „We gebruiken het verrijkte uranium als brandstof voor twee grote kerncentrales.”

Oké, en nu?

Wat moeten we doen? Even afwachten misschien? Adem rustig in, adem ook weer uit. Misschien is het allemaal wel een heel slim gespeeld spel.

Of zoals mijn Iraanse huisgenoot glunderend de reden gaf waarom hij terugkwam met twee schildpadjes uit Iran: „Ik ben er heel blij mee want ze zijn illegaal.”