De timing had niet slechter gekund. Net nu de verkiezingsdebatten in volle hevigheid zijn losgebarsten, is in Frankrijk Roland Garros van start gegaan. Drie dagen lang heb ik non-stop tussen politiek en tennis gezapt en moet nu tot mijn schrik bekennen: ik zie het verschil niet meer.
Het gaat van: links, rechts, links, rechts – maar dan tien keer zo snel, waardoor het veel minder leuk is om naar te kijken. Zag je vroeger nog wel eens een bedachtzame rally vanaf de baseline, nu is het vooral serve and volley wat de klok slaat: een lijsttrekker gooit een balletje op, mept zo hard hij kan richting zijn tegenstander en rent vervolgens als een kip zonder kop naar de media. Is hij te laat, dan is de kans groot dat hij met één rake klap ter linker- of rechterzijde gepasseerd wordt; is hij op tijd, dan is het punt zo goed als zeker binnen.



