Renske: Pandapunten

Soms kom je woorden tegen waarvan je het onvoorstelbaar vindt dat je zo lang zonder hebt geleefd. Voor mij was dit het begrip ‘pandapunten’. Het woord werd geïntroduceerd door mijn jongere broer, mijn zeer gewaardeerde bron voor alle jargon omtrent het studentenuitgaansleven, Amerikaanse televisieseries en World of Warcraft. Pandapunten klinken als een spaaractie van een supermarkt: dat je ze bij je boodschappen krijgt en bij elke volle spaarkaart een stukje van de legpuzzel ‘Reuzenpanda in een Sneeuwvlakte’ hebt verdiend (extra moeilijk: welk stukje is panda en welk stukje is sneeuw?).

Voor elke seksloze maand verdien je één hele pandapunt

Maar de pandapunt verzamel je op een heel andere manier – deze punten meten in hoeverre jij je als een panda gedraagt. Beter gezegd: hoe lang jij al met je logge, tweekleurige bontkont op de bank achter elkaar bamboe zit te snaaien zonder ook maar een poot naar het andere geslacht uit te steken, onverschillig voor zaken als ‘biologie’, ‘overlevingsdrang’ en ‘een kaarsje aan en Marvin Gaye uit de speakers’.

Inderdaad, pandapunten gaan over je seksleven. Voor elke seksloze maand verdien je één hele pandapunt. Voor studenten werkt de teller iets genadelozer: al bij een week zonder seks mag je er een punt bijschrijven – van studenten wordt blijkbaar nog iets meer verwacht dat ze zich fanatiek inzetten tegen uitsterving. Degene die na een jaar de meeste punten heeft is de winnaar, een eer die waarschijnlijk wordt beloond met meewarige blikken en hopelijk een telefoonnummer uit barmhartigheid.

De pandapuntmethode: wat een elegante vondst. Ten eerste kan het op zo veel vrolijke manieren worden ingezet: „Nee, ik ga vanavond niet mee uit, ik ga even pandapunten sparen”, dat klinkt een stuk beter dan „Nee, ik ga vanavond niet mee uit, ik ben een beetje moe en moet morgen weer om half negen op om de trein van tien voor te halen en ik moet ook nog wat zakelijke e-mails versturen”. Je kan een vriend waarschuwen, als hij in een club op het punt staat voor een nog onbekend meisje zijn beruchte pauw-imitatie te gaan uitvoeren: „Doe het niet, Daan. Echt. Dit idee wordt enkel ingegeven door je pandapunten, geloof me.”

En, mocht je feesten organiseren (ik denk als eerste aan een schuimfeest in een entertainmentcentrum met een nogal aanwezige stroboscoop, maar eigenlijk welk feest dan ook, van verjaardag tot jubileum) kan de aankondiging zijn: ‘FEESTJE! VERRUIL JE TAK BAMBOE VOOR EEN GLAS BIER EN VERLIES VANAVOND AL DIE PANDAPUNTEN!’

Ten tweede: hoevaak sitcoms ons ook doen voorspiegelen dat er in vriendengroepen ongedwongen over seks wordt gesproken, ik geloof het niet. Praten over seks is nog steeds best ingewikkeld en niemand geeft graag toe dat hij of zij in bed voornamelijk in beslag wordt genomen door gedachten als: „Zo’n dekbedovertrek met hotelkwaliteit… zou dat dan ook beter zijn voor die ruwe huid bij mijn ellebogen?”

Volgens mij is het zoveel makkelijker om gewoon te beginnen over een pandapuntencollectie. Zeg: „Tja, we zitten nogal ruim in onze pandapunten, de laatste tijd”, en je hebt een gesprek. Waarna de ander iets kan zeggen over biologie, overlevingsdrang, een kaarsje aan en Marvin Gaye uit de speakers. En er een filmpje opgezet kan worden van een stel rollebollende pandaberen dat het eindelijk heeft aangedurfd, ter inspiratie.