Renske: Enge films

Vandaag is het Halloween, de feestdag van pompoenen, snoep en meisjes die slechts gekleed in jarretels en een zwartkanten bh ‘een heel enge heks’ verbeelden.

Ook bij de meest mislukte enge films wikkel ik halverwege een sjaal om mijn hoofd

En het is de feestdag van het griezelen: zo zijn vanavond klassiekers als The Thing From Another World en The Body Snatcher op tv.

Ik heb zelf een grote voorliefde voor horrorfilms – maar als ik weer eens in de bioscoop zit, kijkend naar een film over een gezin dat dat in een groot, verlaten huis op het platteland gaat wonen en mezelf naar het scherm hoor roepen: „NEE! NIET DAT MERKWAARDIGE STOFFIGE MUZIEKDOOSJE DAT JE OP DE ZOLDER HEBT GEVONDEN OPENMAKEN, TERWIJL JE VOOR DE NEUS WEG OUDE ZIGEUNERSPREUKEN MOMPELT!”, denk ik wel eens: waarom? Waarom doe ik mezelf dit aan? Het is namelijk niet zo dat ik er goed tegen kan: helemaal niet zelfs. Ook bij de meest mislukte enge films wikkel ik halverwege mijn sjaal om mijn hoofd zodat ik slechts de rechterbovenhoek van het scherm zie – de kans dat er precies op die plek iets engs gebeurt is immers vrij klein.

Volgens psychologen kijken we naar horrorfilms om gevoelens van angst te verkennen in een veilige omgeving. Je kan testen wat je aankan, maar zodra het echt niet meer gaat, begin je een goed gesprek met je buurman over de eindeloze voordelen van viergranencruesli. Ook functioneren horrorfilms als waarschuwing: wees alert – er kan overal gevaar schuilen.

En als ik eenmaal buiten de bioscoop weer vergeet hoe bang ze me maken, is dat wat ik zo geweldig vind aan horrorfilms. De kracht om de meest doodnormale dingen te doen veranderen in een nachtmerrie. The Birds heeft me ervan overtuigd dat drie naast elkaar zittende mussen op een hoogspanningskabel in feite aan het samenzweren zijn hoe ze mij zo snel mogelijk van mijn oogballen kunnen ontdoen. Ieder lieflijk Japans meisje met lang zwart haar zie ik elk moment gedrochtelijk uit een put omhoog kruipen. En de film It heeft een hele beroepsgroep de das om gedaan en er bovendien voor gezorgd dat geen enkel doucheputje meer onschuldig was, omdat het gewillig transport verleende aan liters opborrelend bloed. Films die je voorgoed kunnen doen twijfelen aan de kwaadaardigheid van een doucheputje verdienen wat mij betreft niets dan lof.

Gisteren ontdekte ik echter iets. Het volgde precies hetzelfde horrorprincipe: iets bekends en geliefds transformeren in iets monsterlijks – maar dit ging mij te ver. Ik las dat Pennywise, de beklauwde clown uit It, werd gespeeld door Tim Curry. Tim Curry! De man die ik jaren geleden in mijn hart sloot als held, als goede vriend en als rolmodel, mocht ik ooit aspireren een mannelijke alien-travestiet te worden, want dat was hij in The Rocky Horror Picture Show – mijn lievelingsfilm, die ik keer op keer zag. Pas nu weet ik dat ik als vijftienjarige huilend van angst in de rechterbovenhoek van de televisie tuurde omdat we It aan het kijken waren, en diezelfde avond nog liefdevol meezong met Dr Frank N Furter in The Rocky Horror Picture Show om de enge clown te vergeten. Dezelfde man. Ik kan nooit meer hetzelfde naar mijn lievelingsfilm kijken – wat horror met je doet, dus.