Renske: Seks moet naar seks ruiken

Japan is het land van de bizarre uitvindingen, uitvindingen die met bravoure tonen dat de mens altijd het laatste woord heeft, dat er altijd een oplossing is – ook al had je het probleem nog niet echt gezien. Zoals bijvoorbeeld bij de boterstick (een soort labello om je toast mee te besmeren) of bij de dweilschoentjes voor je kat (zodat hij makkelijker met stofnesten aan zijn voeten in de schone wasmand kan gaan liggen). Het is ook de plek waar steeds meer uitvindingen worden gedaan die een oplossing moeten zijn voor het probleem: dat verdomde menselijk lichaam van mij.

Vaginapepermuntjes: pilletjes die je moet inbrengen voor een aardbeiengeur

Eerst stuitte ik op The Sound Princess. Omdat Japanse vrouwen zich zo geneerden bij het idee dat iemand in het toilethokje naast hen ze zou kunnen horen, trokken ze tijdens het plassen steeds de wc door. Omdat dit uiteindelijk nogal veel water verspilde, werd The Sound Princess geïntroduceerd: een apparaat dat in wc-hokjes hangt en het geluid van een doorspoelend toilet imiteert.

Gisteren las ik over de geurabsorberende deodorantonderbroek – ooit ontwikkeld voor mensen met het prikkelbaredarmsyndroom, nu populair bij zakenmannen. Het is een product uit dezelfde lijn als de deodorantmaatpakken en deodorantsokken, allen met ‘antimicrobial silver ions’ in de voering als het werkzame bestanddeel. Ook leerde ik over het woord ‘kareishu’: oudere-mensen-geur. Volgens Japans onderzoek verandert je lichaamsgeur na je veertigste. In Japan staan zakenmannen vaak met drommen tegelijk in de metro – en omdat Japan vergrijst, worden die mannen steeds ouder. Niemand wil de ander ‘lastigvallen met zijn geur’, en de speciale zepen, deodorants en parfums om de kareishugeur te bestrijden worden steeds vaker verkocht.

Nu ben ik geen geurfetisjist: ik word niet week in de knieën als ik een kluisje vol vergeten gymkleren opentrek, ik raak niet ontroerd van een donkere okselvlek. Ook snap ik The Sound Princess-gedachte best: ik ben bekend met de spontaan optredende plasweigerachtigheid als je je te bewust bent van iemand anders naast je in een hokje. Maar waar ik steeds meer moeite mee krijg, is het taboe op menselijkheid. De krampachtige houding over doodnormale zaken. Ik ken meisjes die bij het wakker worden uit bed glippen om hun tanden te poetsen, voordat ze hun vriend durven te zoenen. Of mensen die hun eten weer uitproesten als ze ontdekken dat er een vleug knoflook in zit. Er bestaan vaginapepermuntjes: pilletjes die je moet inbrengen voor een aardbeiengeur en -smaak. Vrouwen wordt nog steeds om de haverklap duidelijk gemaakt dat ‘meisjes alleen bloemetjes poepen’.

We moeten onze morsigheid liefhebben. Natuurlijk is het prettig als mensen de moeite nemen om even een borsteltje door de snavel te halen en een kam door het haar, maar het mag geen zonde worden als het een keer mislukt, geen fobie, geen belemmering. Ik wil soms kunnen aankondigen: „Sorry jongens, maar ik ruik echt naar otter vandaag”, ik wil anderen kunnen horen boeren en niezen, ik wil af en toe een knoflookadem waar ik een middelgroot dier mee kan omleggen. Ik wil dat seks ruikt naar seks, en oude mensen naar zichzelf. Laten we nu nog even plezier hebben van ons mens-zijn, voordat Japan een robot uitvindt die ons allemaal overbodig maakt.