Christiaan Weijts: Vrekkige zeeanemoon

‘Heeft u een bonuskaart? En spaart u nog koopkrachtplaatjes?” „Nee mevrouw, ik kom óm in die dingen. Dozen vol heb ik er. En de kinderen verspreiden ze door het hele huis. Onder de bank, tussen de radiatoren, in de vaatwasser… overal kom ik die ellendige koopkrachtplaatjes tegen. Zelfs als ik rustig in de auto zit, waaien ze voorbij. O-ve-ral! En wat koop ik ervoor? Niks. Dubbelmodaal, derde schijf, assurantiebelasting, blablatoeslagen, dingesaftrek… Nooit staat er op zo’n koopkrachtplaatje gewoon een kip of een paard. Steeds weer een zeenaaktslak. Of een kraagluiaard. Denk je dat het leuk is om dat thuis te moeten uitleggen aan een driejarige? Pappa, wat is dát voor dier? Dat is een harlekijngarnaal… Een wát? Een harlekijngarnaal, en wat zégt het harlekijngarnaaltje…? Nee, dat weet jij niet hè, dat weet niemand. Mevrouw, steek die koopkrachtplaatjes maar in uw regenbooglori.”

Ineens wil iedereen die koopkrachtplaatjes hebben

Man verderop in de rij: „Mag ik ze dan hebben?”

„Kijk, dat begrijp ik dus niet. Iedereen wil die koopkrachtplaatjes hebben. Ik kan hier de supermarkt niet in lopen of ik struikel over een groep schoolkinderen die allemaal staan te jengelen: menee-héér, heeft u nog koopkrachtplaatjes? Om eerlijk te zijn, maken die koopkrachtplaatjes me misselijk. Van de kruideniersmentaliteit in dit land moet ik kotsen. In Spanje plegen mensen zelfmoord en komen ze op straat te staan. Dat is crisis. Wij behoren hier tot de top van Europa. Kijk eens wat die meneer achter me allemaal in z’n karretje heeft gepropt. Sap van Valencia-sinaasappels. Parmaham. Ossenhaas… Het is crisis, maar als ik donderdagavond een restaurant wil reserveren, zit alles vol. En u maar zeuren om koopkrachtplaatjes. Ja, je verdient modaal en levert honderd euro van je tweeëneenhalf duizend netto in. Eén keer per maand minder uit eten. En nu maar staan te janken hier. O, o, m’n kóóóópkrachtplaatje ziet er zo somber uit…! Ik wilde zo’n maki-kikker en nu zit ik opgescheept met zo’n stomme impala. Ga je dood schamen, vrekkige zeeanemoon.”

Bruusk smijt ik de koopkrachtplaatjes op de grond. Achterop lees ik: Ontdek de lolbroeken van het dierenrijk.