Berichten met de tag Economie

Help Griekenland de zomer door. Dat vraagt de Bank of Greece. Zij opende een bankrekening waarop mensen geld kunnen storten om Griekenland met zijn staatsschuld te helpen. Het is geen grap. Het IBAN-rekeningnummer van de bodemloze put is GR04010-0024 0000000026132462.

Een echte Griekse oplossing. Het ware probleem van de Griekse malaise is namelijk niet een falend beleid. Het is de lage „belastingbereidheid” van het Griekse volk. Dat betekent dat het Griekse volk het niet leuk vindt om belasting te betalen. Je kunt ze beter om een vrijwillige bijdrage vragen. Dat is nu eenmaal hun cultuur.

Elke werkende Nederlander heeft alvast 600 euro gedoneerd. Dat heeft Jan Kees de Jager afgelopen vrijdag namens ons gestort. En zondag beloofde hij dat als het nodig is de Nederlanders per persoon nog eens 3300 euro zullen overmaken naar andere lidstaten waar men lijdt onder lage belastingbereidheid. Gelukkig vinden Nederlanders zelf belasting betalen niet zo’n probleem. Wij zullen niet snel onze hoofdstad in brand zetten om onze onvrede te uiten. Wij betalen gewoon.

Dat de Europese Centrale Bank nu de biljettenpers heeft aangezet om waardeloze Griekse staatsobligaties te kopen is misschien nog wel vervelender dan alleen maar geld storten. Geld drukken leidt uiteindelijk namelijk tot hoge inflatie. Maar ja, dat vinden de Grieken weer niet zo’n probleem. Voordat ze de euro hadden verloor de drachme jaarlijks ongeveer 20 procent aan waarde. En daar werd in Griekenland niemand warm of koud van. Een gemiddelde Griek vindt dat er ergere dingen zijn dan hyperinflatie. Belasting betalen bijvoorbeeld.

„Griekenland heeft zijn straf natuurlijk wel gehad”, zei de Jager afgelopen vrijdag bij Pauw & Witteman. Daarmee bedoelt hij dat Griekenland heeft moeten saneren en bezuinigen. Dat de Grieken nu niet meer op hun 53ste met pensioen kunnen. Dat de 14de maand voor ambtenaren moest geschrapt worden en de belastingen omhooggaan. En voor een land met zo’n lage belastingbereidheid is dat natuurlijk een gigantische straf. De Grieken, daar is Jan Kees van overtuigd, hebben hun lesje nu wel geleerd.

Rosanne Hertzberger

Hoeveel kosten de allochtonen ons? Het Kamervragenbombardement waarmee de PVV vorige week de zomerrust wilde verstoren, lijkt op het zoveelste buitenissige plaagstootje van de populisten, maar past in feite precies in een visie op de samenleving waarin zij beslist niet alleen staan.

Steeds meer politici beschouwen de samenleving namelijk als een bedrijf, waarop een simpele kosten-batenanalyse gemaakt kan worden. Termen als ‘opbrengst’, ‘groei’ of ‘investering’, oorspronkelijk afkomstig uit de middenstandswereld, zijn ongemerkt in andere terreinen ingeslopen, van menselijke relaties (‘wat hebben wij elkaar nog te bieden?’, ‘investeer ook eens in mij!’) tot aan de politiek (‘wat kost de allochtoon?’).

Voor partijen die bestaan uit omhooggevallen makelaars, directeurtjes en sjacheraars is dat natuurlijk niet vreemd. Hun breinen hebben al vanaf de geboorte de structuur van een boekhoudtabel.

Kwalijker is dat het economische sjabloon op de wereld steeds dominanter is geworden.

Dat is niet altijd zo geweest. In het niet-eens-zo-gek-verre verleden bestonden er ethische waarden (‘rechtvaardigheid’), affectieve (‘genegenheid’), intellectuele (‘kennis’) en zelfs esthetische waarden (‘schoonheid’).

Helemaal verdwenen zijn die niet. Wel zijn ze ondergeschikt geraakt aan het middenstandsmodel en de middenstandersmentaliteit.

Zo ging het bij het JSF-debat alleen over de kosten en de werkgelegenheid, niet over de ethische kant. Zo investeert Nederland relatief het minste van heel Europa in wetenschappelijk onderzoek, waarvan de ‘opbrengsten’ immers niet altijd onmiddellijk meetbaar zijn. Zo draait het publieke debat vaak rond de vraag wat iemand mag verdienen. Als enige land ter wereld hebben wij daar een norm voor die vernoemd is naar (en gebaseerd is op het jaarsalaris van) de premier. Zo worden overheids- en bedrijfsgebouwen steeds lelijker, omdat functionaliteit boven esthetiek heerst.

Zo is Nederland ongemerkt veranderd in één groot bedrijf met bazen en managers die hun rekensommetjes maken aan hun Haagse bureaus en aan hun medewerkers/burgers een mailing sturen: in dit land is het up or out!

Christiaan Weijts

Op weg van Den Haag naar huis nam ik de afslag langs het ING-gebouw – het plechtig aan de snelweg gelegen memento mori van de financiële wereld. Ofschoon het al aardig avond begon te worden, zag ik nergens achter de honderden vensters een tl-buis, of zelfs maar een schemerlampje branden. Het was weliswaar zondag, maar hoeveel weekeinden zijn me de afgelopen paar maanden al niet op alle etages aan het Amsterdamse Frederiksplein de verlichte ramen opgevallen, waarachter Wouter en Nout met hun voltallige staf de hele late middag en de hele nacht van de sabbat bleven doorvergaderen om het land er weer bovenop te cijferen?

lees verder

Plotseling is vriend en vijand het erover eens: het kapitalisme is failliet. De kredietcrisis, energiecrisis en klimaatcrisis hebben de machtigste westerse ideologie ontkracht. Haar ideologische geesteskindje – de vrije markt – is een zachte wiegendood gestorven. Of, zoals deze krant het samenvatte: „Pinnen! Nu het nog kan!”.

Het is fascinerend om te zien hoe journalisten en commentatoren meedeinen op de golven van het nieuws dat ze verslaan. Toen de kranten twee maanden geleden bol stonden van China als oprukkende economische wereldmacht, viel er maar één melodie te beluisteren: het vrijemarktkapitalisme had ook in het Oosten voet aan wal gezet. Nu vallen er drie banken om en de hele ideologie kan alweer naar het graf worden gedragen.

lees verder

Terug uit China valt het altijd weer op: het tempo ligt hier anders. Daar hebben dagen geen einde. Sinds de introductie van betrouwbare elektriciteit, pakweg dertig jaar geleden, is ook de nacht bestemd om te werken. Daar heeft een week geen einde. Sinds de introductie van het kapitalisme, pakweg 25 jaar geleden kan ook in het weekeinde worden verdiend.

De 24-uurseconomie is vol tegenstrijdigheden. Vroeger was die exclusief van de Derde Wereld. Rust is immers welvaart. De noodzaak maant tot arbeid. De schoenlapper staat altijd paraat. De baleinenman die paraplu’s een tweede leven gunt is tot laat open. De kleermaker werkt desnoods de nacht door. Honger kan ook na twaalven gestild. En dus is het nooit stil in de Oost. Het dendert er maar door. Tot je oren ervan suizen.

Maar er is verandering op komst. Sinds kort hoeven Chinese kinderen op zaterdag niet meer naar school. Ambtenaren hebben een weekeinde gekregen. De najaars- én de voorjaarsvakantie hebben hun intrede gedaan. Ter compensatie zitten kinderen tot tien uur ’s avonds in de les, is vooruitwerken een must, maakt iedereen overuren – die soms worden uitbetaald. En bovendien, in de vrije uren gaat de jakkereconomie gewoon verder. Dan wordt er bijgeklust, het echte geld verdiend, naar winkelcentra gesneld, naar koopjes gezocht. De winkels sluiten immers niet.

Bij ons gaat dat anders. Het tempo ligt hier anders. Wij werken vijf dagen in de week, hebben een weekeinde en 25 vakantiedagen. Daarvoor moeten we wel werken, worden de kinderen uitbesteed, en maken we soms overuren – betaald, dat wel. In de vrije uren snellen we naar de stad, opzoek naar koopjes. Koopzondag.

Maar er is verandering op komst. Sinds kort maant het bedrijfsleven aan tot langere werkdagen. Voor het zelfde loon. Anders kunnen we de concurrentie uit Azië niet meer aan. Nog even en de vrije zaterdag moet afgeschaft. Klussen we bij op zondag. Lijken we steeds meer een 24-uurseconomie. Net als in de Derde Wereld?

Oud-correspondent in China en (beginnend) filmmaker.