Berichten met de tag Jan Peter Balkenende

Het CDA wil Balkenende als nieuwe lijsttrekker. Buiten het CDA wil niemand Balkenende als nieuwe lijsttrekker. 16 procent vond het een goed idee dat het CDA verder ging met zijn leider. Het percentage dat Balkenende weer als minister-president wil zal wel onmeetbaar klein zijn.

Het is lente, Nederland is aan iets nieuws toe en Balkenende wordt uitgekotst. „Een slechte premier”, zo noemde Wouter Bos zijn voormalig naaste collega. „Ruggegraatloos”, noemde Mark Rutte de man die het bestuur van Nederland acht jaar voorzat. „Eindelijk verlost”, klonk het overal op Twitter. „Nooit meer Balkenende”, smeekte men in Facebook-groepen hartstochtelijk, alsof het om ‘Nooit meer Auschwitz’ ging.

En waar hij dat aan verdiend heeft is een raadsel. Balkenende was een degelijke premier. Sleepte ons land door de LPF-ellende heen, regisseerde ingewikkelde affaires zoals die met Mabel Wisse Smit. Hij liet zien dat hij kan hervormen, de WAO, het zorgstelsel. Samen met Zalm durfde hij fors te bezuinigen, een kwaliteit die nu van levensbelang wordt.

En ja, misschien was hij geen sterk leider, geen charmante persoonlijkheid, maar hij was niet corrupt, hij was niet betrokken bij dubieuze affaires, sloeg in het buitenland geen modderfiguur en de enige controversiële uitspraak waarvan hij kan worden beticht ging over de VOC-mentaliteit. In tijden van politieke aardverschuivingen bleef hij zitten waar hij zat. Die oerdegelijke en saaie premier van ons verschafte zo de broodnodige politieke continuïteit, een van de belangrijkste voorwaarden voor economische voorspoed.

Maar zijn herbenoeming als minister-president lijkt verder weg dan ooit. Van heinde en verre worden ontevreden CDA-politici voor camera’s getrokken om te verklaren dat Balkenende ongeschikt is. CDJA-jongeren uit Maastricht durven zelfs te melden dat de herbenoeming van een van ’s lands langst zittende premiers als CDA-lijsttrekker ongeloofwaardig is.

Zo gaat dat in de politiek. Geen argumenten, geen analyse. De politieke ervaring en degelijkheid wordt bij het grofvuil gezet. Het is lente, dus is Nederland aan iets nieuws toe. Dat is nu eenmaal een natuurverschijnsel.

Rosanne Hertzberger

Nu ik dit schrijf, net na de persconferentie van Balkenende, vrees ik voor het kabinet. Waar de PvdA het rapport ‘verontrustend’ noemt, verwijst de premier alle conclusies van de commissie-Davids naar het rijk der fabelen, behalve de onschadelijke.

Het zal niet de eerste keer zijn dat een kabinet struikelt over een onderzoeksrapport naar een oorlog. Ook bij Srebrenica ging het over ‘gebrek aan regie’ van de minister-president en ‘gebrek aan informatie’ van het ministerie van Defensie. Toen besloot het kabinet-Kok ook op te stappen op basis van een oorlog die al jaren geleden had plaatsgevonden. En natuurlijk ging het daar wél over een militaire missie, maar toch, ik vrees met grote vreze.

Ik vrees dat Bos besluit om nog even wat politieke spierballen te laten zien als mosterd na de maaltijd. Dat hij nog even gaat doen alsof met de PvdA niet te sollen valt, terwijl onder het bewind van die partij de JSF er wél kwam en een parlementaire enquête niet.

Dat een partij dan ineens op haar strepen gaat staan is ook niet zonder precedent: D66 had al meerdere malen over zich heen laten lopen voordat het besloot het kabinet in 2006 uiteindelijk (om de Ayaan-kwestie) op te blazen. D66 stond er toen ook niet florissant voor in de peilingen.

Zou het door zijn hoofd spoken? Zou Bos serieus overwegen om ermee te kappen? Om ons land achter te laten met een gigantische staatsschuld, een onhoudbaar uitgavenpatroon en geen enkel uitzicht op spoedige verbetering daarvan? Reken maar uit hoe lang het duurt voordat er weer een slagvaardig kabinet zit: achtereenvolgens komen er verkiezingen, daarna formatieperiode, onderhandelingen, kabinetscrisis (veroorzaakt door 5 nieuwe PVV-ministers), verkiezingen, 100 dagen rondneuzen, en dan wellicht, als het meezit, een voorzichtige bezuiniging. Ik voorspel dat we anderhalf jaar stuurloos zullen ronddobberen.

Zouden ze het overwegen? Kiezen onze hoogste bestuurders voor hun eigen politieke hachje of voor het welzijn van dit land? Met opstappen zouden ze Nederland geen slechtere dienst kunnen bewijzen. Ik vrees met grote vreze.

Rosanne Hertzberger

In Nederland was hij slecht in vorm geweest, maar dat compenseerde hij vorstelijk in de uitwedstrijden. Jan Peter Balkenende mocht weer aanschuiven bij de grote jongens van de G20, nog zonder eigen lidmaatschapspasje, maar, verzekerde hij na afloop, er waren ‘vooruitzichten’ op een permanente plaats.

Dat werkte zo goed in op zijn zelfvertrouwen dat hij een paar dagen later, tijdens een spreekbeurt bij de Verenigde Naties, de wereld opriep om ‘moed te tonen’. En straks is het weer raak, op 5 november mag hij opnieuw op het wereldpodium staan, nu voor de Europalezing.

We wisten het al. Ook zonder de berichten van een betrouwbare Europese nieuwssite, die een anonieme bron rond het Binnenhof laat vertellen dat onze Balkenende de eerste Europese president wil worden. We wisten al dat Balkenende en zijn buitenlandminister Verhagen er alles voor over hebben om internationaal in het gevlei te komen.

Terwijl de Zeeuw zijn tong stuk likt op Barack Obama en Angela Merkel (zij is erg close met hem, zegt de anonieme bron, en wil hem liever dan Tony Blair), likt de Limburger zich scheel aan Hillary Clinton. Hoe dacht je dat Jaap de Hoop Schepper en Ruud Lubbers hun baantjes kregen? Nee, opgroeien in een klein land is één, carrière maken doe je internationaal. Of is het Zeeuws-Limburgse slijmoffensief allemaal voor ons, voor ‘het landsbelang’?

Grootste paaimiddel is deelname aan Amerikaanse militaire missies. Dat had een parlementair onderzoek naar de Irakoorlog duidelijk kunnen maken, maar de PvdA hield dat tegen, en stemde, na een kolossale draai, in met een onderzoek, dat nu vertraagd is.

Nu staat dezelfde opstelling op het bord. Volgens de PvdA gaan we weg uit Afghanistan, maar als we het CDA en de CU goed beluisteren, weten zij dat nog zo net niet. Wat gaat de PvdA doen?

De vorige draai kostte ze bijna precies zoveel zetels als dat er Nederlandse militairen zijn gesneuveld in Afghanistan. Allemaal gevallen voor Balkenendes internationale carrière. Of was het, dat kan natuurlijk ook nog, voor het landsbelang?

Christiaan Weijts

Het lastige van het Nederlandse Chinabeleid is dat het niet consequent is. Dat is het nooit geweest. Zolang als Nederland betrekkingenmet China onderhoudt jojoën die op en neer, al naar gelang de onderbuikgevoelens in eigen land. Oogt China stabiel, dan zijn de betrekkingen als nooit tevoren, toont het land zijn ware gezicht, dan zijn de rapen gaar.

Een recent voorbeeld daarvan was de stemming voor de Spelen. Die was opperbest, totdat bleek dat China monniken doodsloeg. China was een grimmige dictatuur, concludeerde de ene helft van de Nederlandse politiek, zonder te zien dat dat nooit anders was geweest (en zonder te zien dat het doodslaan dit keer voor rekening van de monniken kwam). De andere helft van de Nederlandse politiek probeerde krampachtig vol te houden dat het business as usual was.

Vanuit Chinees perspectief klopte dat laatste aardig. Immers, de enige constante in het Nederlandse Chinabeleid is China zelf. Dat heeft nooit een geheim gemaakt van zijn intenties aangaande zijn nationale minderheden, politieke gevangenen of de mensenrechten in het algemeen. De politieke dwalingen zijn voorbehouden aan Nederland.

In dat licht moet het een-tweetje tussen Balkenende en Verhagen ook worden gezien. De één wil de dalai lama niet ontmoeten, de ander wil hem wel ontmoeten, maar alleen als spirituele leiders onder elkaar. Verhagen spiritueel leider?

Waarom mag Balkenende de dalai lama eigenlijk niet ontmoeten? De premier vindt het slecht voor de „kritische dialoog”. Maar dat is lariekoek, want die is er nooit geweest. Sterker, Nederland heeft niets in de melk te brokkelen en wordt juist voortdurend door China gebruikt als dreigmiddel tegen de rest van de Europese Unie. Een land als Nederland onder druk zetten, doet China immers geen centje pijn.

Het antwoord is dan ook dat Nederland als vanouds naar de pijpen van China danst – totdat het weer eens mis gaat. Dan nemen we stelling. Ongeacht waar dat toe leidt. China weet dat maar al te goed. Daarom maken de nieuwe principes van Balkenende ook geen blijvende indruk in de Oost.

Inmiddels is Jan Peter Balkenende (CDA) zo’n beetje de enige Nederlander die géén onderzoek naar de steun voor de inval in Irak wil. Zoals iemand die na een misdrijf halsstarrig weigert zich aan het grootschalige DNA-onderzoek in de omgeving te onderwerpen, zo is de premier nu pijnlijk verdacht.

En zoals dat gaat met zwijgende weigeraars: ze genereren een wildgroei aan gissingen, geruchten, gestaafd met halve feiten en verwarrende bewijzen. Rond het zwijgen van de premier zijn inmiddels aangekoekt: een geheime nota (van adviseurs die twijfelen aan de volkenrechtelijke basis), een brief aan een burger (waarin de premier de massavernietigingswapens als casus belli opvoert) en het radioprogramma Argos dat claimt dat Nederland zelfs militaire steun verleende (commando’s en verkennende F-16’s).

Als dat allemaal waar is, is het heel ernstig. Dan was Nederland fout in de oorlog. Alleen al alle mist die er nu omheen hangt, maakt het onderzoek absoluut noodzakelijk.

Waarom verdween het Irak-onderzoek ook alweer van tafel? Omdat Balkenende in de coalitieonderhandelingen zijn poot stijf hield: als tolgeld tot de coalitie moest Wouter Bos (PvdA) het Irakonderzoek laten schieten. Toenmalig formateur Herman Wijffels (nota bene van CDA-huize) wil nu zelfs dat het onderzoek er komt.

Balkenende houdt zijn poot nog altijd even stijf. Daarmee lijkt hij op iemand die nog steeds geen DNA wil afstaan, terwijl er getuigenverklaringen opduiken, wapens in zijn tuinhuisje gevonden worden en er drommen mensen voor zijn hek samenkomen met pek en veren. Balkenende blijft onvermurwbaar. „Ik heb er kennis van genomen,” zegt hij met verkrampte glimlach. Waarom zoveel halsstarrigheid? Alleen zo’n onderzoek kan Balkenendes geloofwaardigheid redden.

Of juist breken. Daarvan heeft het nu alle schijn. Zal Irak dan JP’s Waterloo worden? Wel sneu dat Bush hem dan zo snel vergeten is. Op een bijeenkomst met wereldleiders wist Bush niet eens meer wie hij was (‘Mister Balkenende returned to… ehm… his country’). En in zijn rondje afscheidstelefoontjes belde Bush met de leiders van Denemarken, Italië, Rusland, Georgië. Alleen in huize Balkenende bleef de telefoon doodstil.

Christiaan Weijts

Hoe graag had ik al was het maar één keer in de Amsterdamse Noord-Zuidlijn willen rijden! Hij zou aanvankelijk volgend jaar klaar zijn geweest, en al vanaf 2002 heb ik daar welbewust naar toe geleefd. Als ik m’n best deed (stoppen met roken, veel fruit eten, elke dag een blokje om, misschien een sportschool, anders thuis een roeimachine) moest ik 2009 kunnen halen.

Na een poosje hoorde ik dat er wat vertraging in de werkzaamheden waren opgetreden. Het zou vermoedelijk 2011 worden. Kort daarna boorden ze per ongeluk een paar fundamenten in de Vijzelstraat omver, en er wordt nu gesproken van 2015 of 2016. Toen vermoedde ik dat ik de eerste rit op m’n buik kon schrijven, en schrapte de sportschool.

lees verder

Waar de komkommertijd onze premier in elk geval van verlost, is het wekelijkse Gesprek met de minister-president. Je ziet dat het steeds weer tien helse minuten voor hem zijn, de confrontatie met de glunderende pretoogjes van Ferry Mingelen of een collega, die hem vertelt wat een potje hij er weer van heeft gemaakt.

Het is een wekelijks kruisverhoor, vol strategisch geplaatste boobytraps. Omdat Balkenende geleerd heeft dat je op televisie nóóit ergernis of woede mag tonen, vullen onze beeldschermen zich elke week met zijn minzaam verkrampt lachje onder hoog opgetrokken wenkbrauwen.

Het enige wat deze wekelijkse sessie onthullen, zijn de trucjes die Balkenende van zijn mediatrainers heeft geleerd. Bijvoorbeeld: noem je beul bij naam. „U weet net zo goed als ik, meneer Mingelen…” Die standaardopening is een variant op de drogreden argumentum ad populum, waar Wilders in grossiert („Miljoenen Nederlanders vinden dat…”)

De laatste aflevering was een mooie uitsmijter. Zestig procent van de bevolking wil dat het kabinet ten val komt. Balkenende wijt dit aan de beeldvorming in de media: „Ik heb de indruk dat de volumeknop de laatste tijd wel erg omhoog wordt gezet.”

„Don’t shoot the messenger!” zal zijn mediastrateeg wanhopig hebben uitgeroepen bij deze klassieke drogreden ad hominem: niet op de argumenten reageren, maar op de spreker. Ach, zo’n houding is best begrijpelijk voor iemand die net door Marianne Thieme (PvdD) met Mugabe is vergeleken omdat hij geen nieuw referendum over Europa wilde. Ja Marianne, maar Hitler was ook vegetariër, zou hij met dezelfde drogreden kunnen antwoorden.

Het politieke debat hangt van drogredeneringen aan elkaar. Jammer dat minister-president en journalistiek daar in meegaan. Al levert het wel grappige dialoogjes op. Zoals in het laatste gesprek, over de vliegtaks: „Ook andere landen heffen milieubelastingen.” (overhaaste generalisatie). „Maar Nederlanders gaan juist massaal naar buitenlandse vliegvelden!” Waarop een prachtige opeenstapeling van onlogische gevolgtrekkingen volgt: „Ja, ach… We zien dat het in elk geval nog erg vol is op onze vliegvelden.”

Christiaan Weijts

Premier Balkenende heeft het niet zo op vrijheid van Opinio. Het zalmroze weekblad van oud-Trouw-redacteur Jaffe Vink (doelgroep: neoconservatieve, licht islamofobe GayPride-gangers, vermoed ik) had een nepspeech van de minister-president afgedrukt, waarin hij de islam „het grote probleem” noemde. Balkenende eiste rectificatie, spande een kort geding aan en verloor.

„Het artikel is overduidelijk een verzinsel dat op karikaturale wijze polemiek omtrent het christendom en de islam aan de orde stelt en uitlokt”, oordeelde de rechter. Tot dat oordeel kwam hij vermoedelijk door de zin waar de premier het functioneren van zijn eigen partij onder de loep neemt: „We hebben het helemaal niet goed gedaan. Ik betrek dat ook op mezelf: ik heb het niet goed gedaan.”

lees verder