
Foto AFP
Schoonmakers zijn de ‘working poor’ van Nederland. Ze worden onderbetaald (tien euro bruto per uur). De meeste werknemers hebben er een tweede baantje in het weekend bij om rond te kunnen komen. Ook de werkdruk vliegt omhoog.
En schoonmakers krijgen van hun baas te weinig middelen om werkelijk goed schoon te kunnen maken, bleek deze week tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer.
Parlementariërs hadden schoonmakers, werkgevers, bedrijven en de Arbeidsinspectie uitgenodigd om hun mening te geven. Aanleiding was een witboek van FNV Bondgenoten ‘Schoon genoeg?’ waarin de schrijnende situatie van deze groep werkende armen is beschreven. Een sector waarin vooral migranten en vrouwen werken.
„Het maakt je kapot van binnen”, zei een geëmotioneerde Christine Simon, schoonmaakster in het Erasmus kinderziekenhuis in Rotterdam. Wat bleek er verder?
Steeds minder werknemers worden opgezadeld met steeds meer werk. In haar eentje moet Christine in 1,5 uur 54 kamers in het ziekenhuis schoonmaken. Tot voor kort deden ze dat met drie schoonmakers maar de andere twee zijn wegbezuinigd.
„Dat kunnen we echt niet meer”, klonk haar noodkreet. Tijdens de hoorzitting werd al snel duidelijk wat de oorzaak is van deze wantoestanden in de schoonmaakbranche. Er vindt een moordende concurrentie plaats in de sector omdat gemeenten bij de aanbesteding voor het schoonmaakbedrijf met de laagste prijs kiezen.
Anton Witte, directeur personeelszaken bij schoonmaakbedrijf Asito, moest toegeven dat de verhalen van de schoonmakers hem niet vreemd voorkwamen. Maar ze zijn beslist niet typerend voor de hele branche waarin 150.000 schoonmakers werken, verzekerde hij. Tegelijkertijd maakte hij duidelijk dat de economische crisis bedrijven onder grote druk zet en ,,we willen wel overleven”.
Begrijpelijk. Maar hoe moet deze race naar de bodem, naar het laagste tarief, gestopt worden, wilde SP-Kamerlid Sadet Karabulut weten. In Zeeland hebben ze er iets op gevonden bleek: een maatschappelijk fatsoenlijke bodemprijs. Volgens hoogleraar Jacques Reijniers, hoogleraar aan de Nyenrode Business Universiteit, is het ‘Zeeuwse model’ de enige mogelijkheid een einde te maken aan de race to the bottom.
Hoe moeten volgens jullie de arbeidsomstandigheden van schoonmakers worden verbeterd?
Tja, eigenlijk is het gewoon wachten totdat bedrijven erachter komen dat je het voor dat geld niet schoon kan houden. Zeker in ziekenhuizen lijkt me dat toch een kritisch punt: zodra het eruit ziet als in Italië moet het mensen toch opvallen dat het niet kan voor die prijs?
Ik zie niet in waarom dat anders zou zijn voor de schoonmaaksector dan voor pak-em-beet de ICT-sector: zodra het niet meer kan voor die prijs krijg je problemen. Cowboys die onder de prijs inzetten gaan vanzelf failliet, hetzij door gebrek aan personeel, hetzij door schadeclaims van klanten.
martin op 19 February 2010 om 18:18