Erica Verdegaal: tijd voor revolutie
Volgens mijn moeder was het leven zestig jaar geleden simpel. En geldzaken waren dat al helemaal. Mannen werkten de hele week en ontvingen op zaterdagmiddag hun loon, contant in een loonzakje.
Sommigen konden de verleiding van die financiële injectie niet weerstaan en legden op weg naar huis even aan bij een café, voor een oude of jonge jenever. Dat doet denken aan scholieren van nu die, na hun lessen, even uitblazen in een coffeeshop, waar de koffie bijzaak is.
Thuis verdeelde moeder het restant van vaders buit over een paar jampotjes. Daarna begon het gezin aan de onzekere tocht naar de volgende zaterdag. Had je dan nog geld over? De meeste mensen niet. Het was een tijd van stille armoede, weinig behoeften, vaak herstelde kleren en sokken, en één keer per week een schone onderbroek. De mensen leefden rechttoe rechtaan, zonder moeilijke keuzes of slapeloze nachten. Zegt mijn moeder.
Zij gruwt, zoals velen, van ingewikkelde dingen als hypotheken, pensioenen, spaardeposito’s, aandelen, verzekeringen, creditcards en kredieten. ‘Wie snapt dat nou?’ Ook is ze, net als wij allemaal, teleurgesteld in bankiers en beleidsmakers die de financiële finesses blijkbaar ook niet (wilden) begrijpen en de boel in de soep lieten lopen, gedreven door hebzucht, onvermogen of eigenbelang.
Mijn moeder pleit voor de eenvoud van de jaren vijftig, zestig en zeventig (maar zonder armoede). Toen was de financiële wereld nog niet in handen van marketingmensen, whizzkids en bestuurders met een groter ego dan hun inkomen. Ze snakt – wie niet? – naar een nieuwe tijd waarin iedereen recht heeft op veilige en begrijpelijke financiële oplossingen, en waarin je niet bang hoeft te zijn dat je wéér bedrogen wordt.
Dat vraagt om een revolutie, een nieuwe manier van zaken doen, eerlijkheid, dienstbaarheid, een wereld zonder oplichters enzovoort. Daarvoor de volgende tips.
1 Actie
De gewenste omwenteling kan niet komen van de partijen in de financiële wereld. Daarvoor is, na de kredietcrisis en de vele inferieure producten, het wantrouwen bij de consumenten te groot. Het initiatief moet uitgaan van consumentenorganisaties en de overheid. Deze moeten niet passief afwachten wat er nu weer op de markt komt, maar aanbieders actief in een gewenste richting dwingen.
2 Duidelijkheid
De initiatiefnemers moeten een lijst durven presenteren met crashbestendige oplossingen en gedragsregels voor consumenten. Gun de mensen een toptien met producten en leefregels voor wonen, pensioen, overlijden, sparen, arbeidsongeschiktheid enzovoort. Durf te kiezen voor de consument, ook als ‘de markt’ daar mogelijk onder lijdt.
3 Onafhankelijke scholing
Een oud gezegde luidt: knappe moeders, slordige dochters: moeders die alles voor hun dochters doen, veroorzaken dat hun oogappels bijna niets kunnen. De moderne, financiële variant luidt: knappe ouders, slordige kinderen. Veel ouders vertroetelen hun kroost alsof het eind van de wereld nabij is.
Daardoor weten jongeren weinig van geldzaken en staan ze stijf van de schulden. Een succesvolle ommekeer begint bij de basis: de jeugd. Doceer geldzaken op school, maar zonder bemoeienis van de geldbranche, zoals nu gebeurt. Met slappe compromissen komen we nergens.
De onderliggende waarde is uit het oog verloren en vervangen door virtuele waardes. Bij aandelen is alleen gekeken naar koersstijgingen ipv het dividend. Daardoor waren de rendementen van allerlei (kunstmatig?) hoog. Bij huizenprijzen zijn de maandlasten leidend geworden ipv de prijs waardoor de prijs zo enorm is gestegen. Bij mijn vorige huis heb ik gedurende 6 jaar maandelijks 500 euro “verdiend”, alleen door in het huis te wonen. Die winst zit nu weer in mijn huidige duurdere woning. De ruime hypotheekaftrek heeft bij deze stijging een grote rol gespeeld.
Terug naar de eenvoudige jaren 60 kan ook door de hypotheekrente aftrek te versoberen zodat de werkelijke waarde een groter aandeel in de prijs krijgt.
En ook bij pensioen “verplicht” de fiscus mij als eenmanszaak min of meer om een product af te nemen ipv het gewoon op te potten (ook risicovol ivm inflatie) omdat het deel dat ik jaarlijks fiscaal als oudedagsreserve mag opvoeren te weinig is om later een goed pensioen van te kopen.
f.visser op 20 March 2010 om 10:37