Berichten in de categorie ‘geld’

Meer rente met de Depositometer

Elke zomer doen de media het rustig aan, maar de financiële wereld draait gewoon door. En hoe!
De kredietcrisis woekert, de aandelenbeurzen huilen, de economische groei hapert, de inflatie en hypotheekrente stijgen en onze huizenprijzen zijn voor het eerst in jaren minder gestegen dan de geldontwaarding. Consumenten raken nerveus, wat terecht is als je tot je nek in de (hypotheek)schulden zit. 
Als dat (nog) niet geldt voor jou, dan kan het verstandig zijn om die extra hypotheek voor een zwembad met jet stream, je derde badkamer of tweede keuken uit te stellen tot zekerder tijden. Ja, ook als je adviseur beweert dat je de investering dubbel en dwars terugverdient. De kennis van veel financiële raadgevers is nog steeds niet over om naar huis te schrijven. Deze zomer werd bekend dat sommige de voor hun vak vereiste diploma’s gewoon inhuren van een gepensioneerde collega voor vijf- tot achtduizend euro per maand.

Pensioenopbouw

Dan je pensioenopbouw. Die kan last krijgen van de gedaalde beurskoersen. Door de lagere aandelenprijzen –pensioenfondsen beleggen zwaar in aandelen- is al zo’n 50 miljard euro pensioenvermogen verdampt. Je fonds heeft op dit moment dus minder geld om zijn verplichtingen na te komen. Krimpt die pensioenpot té veel ten opzichte van de verplichtingen –dat heet een te lage dekkingsgraad- dan moet je fonds op last van De Nederlandsche Bank maatregelen treffen. Dat kan veroorzaken dat je pensioenpremie stijgt of dat je verwachte uitkering daalt.
Ook op de huidige hogere inflatie zitten pensioenfondsen en hun deelnemers niet te wachten. Al een derde van de pensioenfondsen kan de uitkeringen het komende jaar niet corrigeren voor inflatie. De koopkracht van pensioenen loopt daardoor achteruit. Het kan overigens nog wel even duren voordat jij daar iets van merkt. Minister Donner wil een onderzoek naar doorwerken tot je 70e verjaardag. Maak je er maar niet te druk over. Wie gezond leeft, haalt steeds vaker minimaal de honderd. Dan heb je toch nog 30 jaar vakantie.

Waarschuwen

Er was deze zomer ook positief financieel nieuws. Zo wil het ministerie van Financiën gaan waarschuwen voor de risico’s en kosten van leningen en hypotheken. Daarop zouden teksten moeten komen als ‘Geleend geld is duur’ en ‘Kunt u deze lening wel aan?’ Eindelijk! Er was een dramatische kredietcrisis voor nodig om onze bestuurders tot bezinning te brengen.
Niet lenen, maar sparen, is voorlopig een aanrader, want de spaarrente is lekker hoog. Handig is de net geïntroduceerde Depositometer. Op deze website, van de initiatiefnemers van de Spaarwinstcalculator, kun je heel eenvoudig achterhalen bij welke bank je je spaargeld het gunstigste een tijdje kunt vastzetten. Een maandje vastzetten, blijkt weinig zinvol, want direct opvraagbaar spaargeld kan meer opleveren. Een jaartje vastzetten, lijkt echter wél aantrekkelijk. Weet wel wat je doet, en hoe je met volledige zekerheid spaart en lees altijd alle voorwaarden.

Profiteer ervan zolang het kan

Nu Nederlanders, als vanouds, weer sparen als bezetenen, vechten banken om ze. Een belangrijk wapen is de spaarrente. Tot verdriet van de grote banken heeft de consument ontdekt dat een beetje extra rente honderden tot duizenden euro’s extra rendement kan opleveren. Dit zonder enig risico. 
Het begon eind vorig jaar allemaal met een uitglijder van de Po
stbank. Deze volksbank kwam in opspraak wegens het systematisch verlagen van de spaarrentes tot minieme niveaus van 0,5 en 1,1 procent. Deze guerrillaoorlog tegen de eigen klanten zou moederbedrijf ING in 2006 maar liefst 140 miljoen euro extra winst hebben opgeleverd. De Postbankspaarders betaalden het gelag. Op een spaarsaldo van 10.000 euro beurde men slechts 50 euro rente per jaar, terwijl men bij buitenlandse instellingen als Yapi Kredi Bank, AT Bank of Credit-Europe Bank toentertijd al netto 450 euro had kunnen krijgen, negen keer zoveel! Op dit moment schommelen de hoogste rentes zelfs rond de 5 procent.

Boos

De Rabobank is boos over dit enorme renteverschil, en dat zit zo. Alle banken met een Nederlandse bankvergunning betalen naar rato mee aan ons Depositogarantiestelsel. Legt een aangesloten bank het loodje, dan krijg jij de eerste 20 mille van je spaar- en betaalrekeningen bij die bank geheel vergoed, terwijl je van de volgende 20.000 euro 90 procent terugkrijgt. Voor en/of rekeningen gelden de dubbele bedragen.
De Rabobank, die naar eigen zeggen 40 procent van onze spaarmarkt in handen heeft, zal flink aan het garantiestelsel meebetalen. De kans is echter miniem dat de Rabobank failleert. Dat risico is groter bij kleinere banken (die hier neerstrijken uit den vreemde). Dat leidt tot oneerlijke concurrentie, vindt Rabo-topman Bert Heemskerk: ‘Feitelijk zeggen ze in hun advertenties: “U hoeft zich geen zorgen te maken. Als we omvallen, betaalt de Rabo de schade.”’
Heemkerk pleit ervoor het Depositogarantiestelsel zo te wijzigen dat spaarders ook 10 procent risico lopen op de eerste 20.000 euro die van hun spaarsaldo verloren gaat. Dan gaan spaarders namelijk weer eerder met de supersafe Rabobank in zee dan met een veel kleinere buitenlandse bank waarvan men de kredietwaardigheid niet doorziet. Hij heeft een punt, natuurlijk, en misschien moet het er ooit van komen. Gelukkig voor spaarders komt het huidige stelsel echter voort uit een Europese regeling. Dat soort dingen zijn waarschijnlijk niet een, twee drie te veranderen. Profiteer er dus van, zolang het kan! Tot die tijd kan je niks gebeuren, mits je spaarbank een Nederlandse bankvergunning heeft. Alles daarover lees je hier en hier.

Icesave

In het televisieprogramma Nova liet Heemskerk zich extra negatief uit over de nieuwe spaarbank Icesave van het IJslandse Landsbanki, die momenteel maar liefst 5,25 procent rente biedt, maar geen Nederlandse bankvergunning heeft. Zou Landsbanki bankroet gaan, dan moet je daardoor voor je eerste 20 mille bij Icesave een beroep doen op een IJsland’s bankenfonds. Heemskerk beoordeelde dat als riskant, wat best eens waar zou kunnen zijn. Banken met hoge spaarrentes vinden de kritiek van Heemskerk op de garantieregeling overigens “gezeur”. Directielid Peter Jernberg van Yapi Kredi stelde bijvoorbeeld: ‘Het probleem van Heemskerk is dat klanten hem vragen: waarom betaal je mij niet wat meer?’
Heerlijk hè, die concurrentie? Je bent als spaarder gek als je er je voordeel niet mee doet.

Woekeradvies

We wisten het natuurlijk al, maar eind vorige week heeft de Autoriteit Financiële Markten (AFM) het nog eens bevestigd in een rapport: de advieskwaliteit rond beleggingsverzekeringen is zwaar onder de maat. Een beleggingsverzekering is een levensverzekering waarin je een kapitaal opbouwt met beleggingen. Ze heten tegenwoordig woekerpol
issen
, omdat je er vaak te weinig aan overhoud.

Passend advies

De AFM onderzocht de manier waarop de 36 grootste financiële dienstverleners (verzekeraars, bankbemiddelaars en grote tussenpersonen) beleggingspolissen sinds juli 2006 aan de man brengen. Men bekeek of de klant naar huis gaat met een “passend” advies. De term “passend” heeft te maken met wettelijke eisen. Tegenwoordig moet een adviseur verplicht de financiële situatie en wensen van zijn klant schriftelijk inventariseren. Hij mag alleen iets adviseren dat in dat plaatje past. Bij beleggingsverzekeringen blijkt men zich daaraan meestal niet te houden. Slechts één op de vijf consumenten gaat met een passend advies naar huis. Een kwart van de polisklanten wordt zelfs matig tot slecht geadviseerd. Woekeradviezen dus.
Wat de wet passend vindt, is overigens niet per se een steengoed advies. Het beste advies is namelijk om nooit een beleggingsverzekering af te sluiten. Al vanaf 1999 is het fiscale voordeel van beleggingsverzekeringen stapsgewijs sterk ingeperkt. Alleen voor lijfrentes en voor polissen die aan je hypotheek zijn vastgeklonken (Kapitaalverzekering Eigen Woning) gelden nog beperkte fiscale voordelen. Bij lijfrentes is het fiscale voordeel afhankelijk van je jaarruimte. Bij beleggingspolissen in hypotheken mag je maximaal 145.000 euro (2008) vrij van vermogensrendementsheffing opbouwen.

Geweldig, toch?

Klinkt geweldig hè? Maar dat is het niet. Stel dat je die 145.000 euro inderdaad volmaakt. Dan zat er gemiddeld, over de hele looptijd 72.500 euro in je polis (aan het begin nul en aan het eind 145.000 euro). Dit scheelt je in het aller uiterste geval gemiddeld 870 euro vermogensrendementsheffing per jaar (in het begin niks, aan het eind het dubbele).
Voor die meevaller moet je zwaar bloeden. De verzekeraar slokt bijvoorbeeld 20 procent van elke premie op aan allerlei kosten. Daarnaast pikt de beheerder van je beleggingfondsen jaarlijks pakweg 2,5 procent van je beheerde vermogen in. Verder is de overlijdensrisicopolis in je KEW of lijfrentepolis doorgaans peperduur. Zo’n ding kun je vele malen goedkoper los afsluiten via een vergelijkingssite, want er heerst een prijzenoorlog.
Bovenop al deze kostenellende is een beleggingsverzekering de inflexibiliteit ten top. Als je er vanaf wil wegens een echtscheiding, emigratie of een tekort aan contanten, betaal je hoge afkoopkosten. Extra sneu is dat de beleggingsverzekering nog nadat de woekerpolisaffaire eind 2006 al was losgebarsten veel is verkocht en fout is geadviseerd. Ben jij of een familielid ook gedupeerd –die kans is groot- strijd dan voor compensatie. De drie belangrijkste belangenorganisaties die je kunnen helpen zijn www.woekerpolisclaim.nl, www.verliespolis.nl en www.consumentenclaim.nl.