Vandaag gaat er een controversiële film in première in de Nederlandse bioscopen. Een film die zich schuldig maakt aan manipulatie van de kinderziel en het uitdragen van allerlei opruiend, anti-kapitalistisch gedachtengoed. Nee, we hebben het hier niet over een recente, spraakmakende documentaire van Michael Moore, of een rolprent van enfant terrible Lars von Trier, het betreft hier de nieuwste Muppets-movie. Kermit en zijn vrienden trachten in de film hun theater te redden uit handen van een machtige olietycoon en die verhaallijn kwam hun in Amerika op felle kritiek te staan. Het moest maar eens afgelopen zijn met de hersenspoeling van de jeugd en dergelijke aanvallen op het Amerikaanse bedrijfsleven, zo klonk het uit conservatieve hoek. Zou de uitdrukking The United States at their narrowest bestaan?
In het chicklit-boekje I don’t know how she does it staat de hoofdpersoon op een kwaad moment een appeltaart van de supermarkt zo te maltraiteren dat deze eruitziet als zelfgebakken. Vroeger, vertrouwt ze de lezer toe, jokten vrouwen meestal tussen de lakens, maar konden ze tenminste wel zélf taart bakken. In deze geëmancipeerde, doch jachtiger tijden is het precies andersom. Tel uit je winst. Toch kan een beetje smokkelen natuurlijk helemaal geen kwaad – met die taarten dan, hè. Althans, wie iemand kent die nooit eens bij complexe recepten een sluiproute neemt, mag zich melden.
Voor wie het na de aardappelpannenkoekjes met zure room nog steeds koud heeft, hier nog enkele winterkou-columns + recepten uit de oude doos. In 2009 was het ook koud, leden we ook aan schaatskoorts en droomden net als nu over een Elfstedentocht.
Warme theepunch: http://www.nrcnext.nl/koken/2009/01/05/koek-en-zopie/
Vlaardingse ijzerkoekjes: http://www.nrcnext.nl/koken/2009/01/06/ijsmoppen-ijzerkoekjes/
Hete kalfsbouillon: http://www.nrcnext.nl/koken/2009/01/07/warme-botten/
Boerenkoolstamppot (+ een pleidooi voor een Unox-vrije tocht der tochten):
http://www.nrcnext.nl/koken/2009/01/08/afblijven-unox/
Stoofvlees met bier en peperkoek: http://www.nrcnext.nl/koken/2009/01/09/voor-echte-schaatsers/
De ramen dichttapen. Een bontjas dragen. Wodka drinken. Wekelijks naar de banja (sauna). Zomaar een paar gewoontes die we van de Russen zouden kunnen overnemen nu het hier eindelijk ook weer eens goed vriest. Reisjournalist Jelle Brandt Corstius noemt er nog een paar in zijn blog ‘Kou voor gevorderden’, die hij al vorige winter schreef, maar die dezer dagen opnieuw actueel is en bovendien erg leuk om te lezen. Nog belangrijker dan warme kleding, schrijft Jelle, is veel en vet eten. Een van de dingen waarmee Russen hun natuurlijke isolatielaag onderhouden is salo, vet spek. Ik had er nog nooit over gehoord, maar vond een hoofdstukje gewijd aan salo in Culinaria Russia, een fijn, rijk geïllustreerd naslagwerk over de Russische keuken.
We eten steeds meer geitenkaas. Niet alleen die Franse chèvre. Nee, juist geitenkaas van eigen bodem. Dat is hartstikke leuk. Behalve voor de jonge bokjes, die geven namelijk geen melk. En eten doen we ze ook niet. In Zuid-Europa wel. Daar is een zuiglammetje van de geit een delicatesse. Negentig procent van onze zuigbokjes gaan dan ook richting het zuiden.
Het vervelende is dat de vervoersregels voor levend vee zijn aangescherpt, waardoor het rendabeler is om ze dood te vervoeren. Dat ze in Nederland geslacht worden, maakt het Hollandse zuigbokje echter duur voor de gemiddelde Zuid-Europeaan, die het toch al niet te breed heeft. Niet echt duurzaam.
Laatst werd ik door een vriendin uitgenodigd om bij haar thuis een hapje te komen eten. We hadden het over vakanties, haar werk, mijn werk en kwamen zo op het onderwerp koken. Geheimzinnig vertrouwde ze me toe dat haar nieuwe flatgenoot – bouwjaar ca. 1980 – de dag ervoor paniekerig met een zak pastaschelpjes in zijn hand stond. „Hoe werkt dit?” schijnt hij geroepen te hebben. Meneer had nog nooit gekookt.
lees verder›
Zoals een overwinning veel vaders heeft – en een nederlaag wees is – zo claimen veel volkeren Grote Uitvindingen. Kijk maar naar het Chinese of Italiaanse kompas, de Nederlandse, nee Duitse, of toch Chinese boekdrukkunst, of de Britse, o nee, Russische hovercraft. De atoombom zou een Duitse vinding zijn vanwege Albert Einstein, Joods vanwege Einstein en Amerikaans, want: Einstein.
Volgens dezelfde chauvinistische lijn van denken menen diverse nationaliteiten zelfs dat Jezus Christus er eentje van hen is. De Ieren baseren hun claim op de overlevering dat Hij, op de rand van sterven, nog iets te drinken vroeg en Italianen doen hetzelfde omdat Jezus zijn moeder een heilige vond. De Mexicanen zeggen op hun beurt dat Hij een van hen was omdat zijn voornaam Jesus was.
Ook de culinaire wereld kent chauvinisme. Ook van bier brouwen, pizza, het elektrische broodrooster en pasta eisen nogal wat nationaliteiten het intellectueel eigendom op. Vooral pasta is een slagveld van claims en counterclaims, bevochten door Chinezen en Italianen.
China stelt dat een van hun dynastieën het eerst was met het malen, in lange of platte vormen persen en drogen van koolhydraatrijke plantenzaden. Pasta dus. Dat dit om rijst ging, maakt ze niet uit.
Het curieuze verhaal – zelfs in Italië opgetekend – dat de ontdekkingsreiziger Marco Polo het idee van pasta ergens in de dertiende eeuw uit China zou hebben meegenomen, vergult menig patriottisch Chinees.
Dat Marco Polo-verhaal is trouwens snel te weerleggen. De Oude Grieken en Romeinen hadden al een soort pasta. Er is zelfs sprake van een Romeinse pasta-achtige substantie: lagana. Dat zal dus wel de lasagna zijn geworden, hoor je soms, maar dat klinkt niet logisch – woorden verlíezen meestal juist de ‘s’ in de loop der tijd. Maar je kunt dus net zo goed beweren dat Marco Polo het Italiaanse pasta-octrooi aan de Chinezen heeft verkwanseld.
Wie eerst was, is een triviale kwestie. Het is natuurlijk goed denkbaar dat pasta-achtige substanties overal ter wereld onafhankelijk van elkaar zijn bedacht – want hoe ingewikkeld is dat eigenlijk? Niet-Italianen en non-Chinezen zal het intussen worst zijn, wat onder andere blijkt uit de benaming van dit Filippijnse gerecht: ‘spicy vermicelli’ – gewoon rijstnoedels.
Snijd de speklap in reepjes en bak die. Zet apart en gooi de bakolie weg. Snijd ui, twee bosuitjes, de knoflook in stukjes en de paddenstoelen in kwartjes. Doe die nu in de pan, voeg daar de vissaus en de rijstwijn aan toe en laat garen.
Maak intussen de ‘vermicelli’. Wanneer het mengsel gaar is, kan het vlees erbij plus de garnalen. Laat nog even een minuutje doorpruttelen en verdeel dan over de noedels, met het vers gesneden bosuitje.
400 gram varkenslap
1 eetlepel vissaus
1 eetlepel rijstwijn
1 eetlepel sojasaus
200 gram ongepelde (gare) steurgarnalen
1 ui
3 bosuitjes
2 knoflooktenen
100 gram shiitake
pak ‘vermicelli’ – rijstnoedels
olie, peper, zout
De bezorger van TNT die hier in de Vinex de pakketten rondbrengt ken ik inmiddels van haver tot gort. Vrijwel iedere dag belt hij bij me aan en doe ik begerig en verwachtingsvol – doch geheel gekleed – open. Slechts een enkele keer heeft hij daadwerkelijk iets voor mij bij zich, meestal is het een boek voor de buurvrouw, schoenen voor de overbuurman of een computeronderdeel voor mijn echtgenoot. Als thuiswerkende zzp’er ben ik een ideaal afgiftepunt. ‘s Avonds komen de tweeverdieners hun bestelling bij me ophalen en ook zij kijken dan altijd als een kind op Sinterklaasvond. Zelfs als je er zelf voor hebt betaald, zelfs je precies weet wat erin zit, is het leuk om een pakje te krijgen. lees verder›
Het was in een trattoria in Trastevere, een bescheiden familierestaurant waar moeder in de keuken stond, vader en zonen bedienden en waar alle gasten – man, vrouw, jong, oud, vaste klant, verdwaalde toerist – werden aangesproken met ‘carissimo’, dat ik onlangs moest denken aan Monty Python’s Life of Brian. „But apart from the sanitation, the medicine, education, viniculture, public order, irrigation, roads, the fresh-water system, and public health, what have the Romans ever done for us?” Mijn antwoord: cacio e pepe.
lees verder›
Ik zal u gaarne missen/verlaat mij dus maar nu. En niets geen compromissen/de kinderen zijn voor u.
Het is de laatste strofe uit het gedichtenbundeltje dat Wim Helsen voorleest in zijn show Heden Soup. Ging het maar zo makkelijk, het zou een hoop rechtszaken en jeugdtrauma’s schelen. De kinderen, de hond, de auto, de flatscreen. Cd van jou, cd van mij. Sinds kort staat er nog iets op het lijstje om ruzie over te maken bij een scheiding: de voogdij over de meestersaus. lees verder›



