Aan de tijd die ik in Portugal woonde, heb ik een ernstige vorm van heimwee overgehouden. Deze week ga ik dat gevoel vermoorden: matar saudade. De Portugezen zelf zijn erg goed in heimwee. In menig fado klinkt het prachtige woord ‘saudade’, een smartelijke toestand van melancholisch verlangen naar wat ooit was.
Ontheemde Portugezen weten wat het beste medicijn is tegen die pijn: koken. Ze fleuren op wanneer ze kool snijden voor caldo verde (soep van aardappels en kool), voelen zich getroost door het roeren in arroz doce (rijstepap) en na een paar versgebakken pasteis de nata (custardtaartjes), kunnen ze het leven weer een poosje aan.



