In elke vakantie wordt er wel een gerecht tot favoriet verklaard. Deze keer was dat pasta al ragu. „Dit wil ik wel elke dag eten”, glunderde Pep bij elk bord dat hij verorberde, van kin tot oogwimpers oranje van de tomaten. „Ik niet”, zei Tijn dan. „Ik wil dit wel twee keer per dag eten.”
Vandaag ga ik eindelijk doen wat ik mijn kinderen al weken geleden beloofde: een reuzenpan ragu, oftewel Bolognesesaus koken. Niet dat het zo vreselijk veel werk is. Maar het kwam er gewoon niet eerder van. Een bolognesesaus moet namelijk minimaal twee uur sudderen. Alleen dan wordt hij zo heerlijk hartig en diep van smaak.



