Zeg eens eerlijk, wie eet er nog wel eens ijsbergsla? Ik moet bekennen dat ik er zelf de afgelopen jaren nuffig mijn neus voor optrok. IJsbergsla stond voor nul smaak (tenzij je watersmaak meetelde), enkel knapperigheid. Knapperigheid die, juist vanwege het ontbreken van bijpassende smaakeigenschappen, nogal grotesk was. Much-ado-about-nothing-sla.
Maar vorige week kreeg ik twee kroppen ijsbergsla die met liefde en zonder haast waren opgevoed in een moestuintje. Ik was het aan de gulle gever verplicht ze de eer te betonen die ze verdienden, en sindsdien denk ik er toch wat genuanceerder over. IJsbergsla kan wel degelijk best lekker zijn en dat gekraak tussen je kiezen heeft toch wel wat.
Van een halve krop maakte ik een salade. Flinterdun gesneden reepjes sla, even geroosterde, grofgehakte walnoten, een restje verbrokkelde roquefort en een dressing van vers sinaasappelsap, citroensap, olijfolie, walnotenolie, fijngeknipte bieslook en zout en peper. Daar was alvast weinig mis mee. lees verder›



