Koken: De snoepeconomie

Behalve Pippi Langkous ken ik maar één kind dat niet van snoep houdt. Wat er ook wordt uitgedeeld, dit meisje schudt ongeïnteresseerd haar hoofd. Merkwaardig. Alle andere kinderen die ik ken zijn er namelijk net zo gek op als grote mensen op geld. Snoep is hun raison d’être.
Zodra je het s-woord laat vallen beginnen hun oogjes te glinsteren. Lego, stiften en nunchuk veranderen op slag in waardeloze bijzaken. Snoep! Nog voor je de p hebt uitgesproken zwermen ze om je heen, de mollige klauwtjes zwevend boven de schatkist, als grijparmen boven een bak vol goedkope horloges op de kermis. En dan begint het. Het gemarchandeer.
‘Hoeveel mogen we er?’ ‘Hoezo, hoeveel mogen we er? Eén natuurlijk.’ ‘Maar hij neemt een lolly en dat is veel meer dan een winegum.’ ‘Dan neem jij toch ook een lolly.’ ‘Nee, ik wil geen lolly. Ik wil drie winegums, want dat is net zoveel als een lolly.’ ‘Net zoveel wat?’ ‘Gewoon, net zoveel. Hoeveel mag ik er nou?’ ‘(Zucht)… Je mag twee winegums.’

Als je mazzel hebt is het daarmee gedaan voor die dag. (De trommel gaat althans bij mij thuis in principe maar één keer per dag open.) Maar als het tegenzit komt dat gastje met die lolly na twee minuten bij je terug met een half afgekloven stokje en zegt: ‘Ik vind ’m niet zo lekker. Ik wil toch liever twee winegums.’
Maak in zo’n geval nooit, ik herhaal, NOOIT de fout om toe te geven. Een half afgekloven niet-zo-lekkere lolly plus twee winegums is namelijk weer veel meer dan alleen maar twee winegums. En probeer vervolgens maar eens met het andere gastje uit te onderhandelen hóeveel meer dat aangevreten, kleverige suikerbonkje is in termen van winegum.
Het is een wondere wereld. Keiharde business ook. Zoals een euro meer waard is dan een dollar, bestaat er blijkbaar een beursnotering voor snoep. Een rangorde die voor grote mensen onnavolgbaar is. Want wat nu precies dat ‘meer’ is? Niet meer calorieën lijkt me. Meer suiker misschien? Meer geur-, kleur- en smaakstoffen?
Eén ding is zeker. Sommig snoep is waardeloos. Ik kwam eens terug uit Zeeland met een zakje echte Zeeuwse boterbabbelaars en minachting der jeugd was mijn deel. Tot op de dag van vandaag begrijp ik niet waarom. De Hongerige Man en ik vonden ze heerlijk, tot gruis geslagen en samen met knapperige, zoetzure granaatappelzaadjes gestrooid over romige Griekse yoghurt.
 
Voor 2 personen:

  • 300 ml Griekse yoghurt
  • een paar druppels rozenwater
  • zaadjes uit 1 granaatappel
  • 10 Zeeuwse boterbabbelaars 
     

Verdeel de yoghurt over 2 schaaltjes. Meng wat rozenwater door de granaatappelzaden en strooi over de yoghurt. Doe de boterbabbelaars in een plastic boterhamzakje en sla ze met een koekenpan tot kruimels. Verdeel over de schaaltjes en serveer meteen.

4 reacties op "De snoepeconomie"rss-icon

Pure snoepterreur. Zo klein als ze zijn (4), van het niveau ‘pap zegt dat jij ons een snoepje mag geven…’

Antwoord

ha die Janneke,
ben eenn echte Hollandse huisvrouw, kan goed koken,bakken en braden en moeilijke dingen maken,aspic,charlotte russe, croquetten,bavaroises etc.
lees iedere dag je rubriek en vandaag, waarachtig yoghurt met Zeeuwse babbelaars,hoera even géén knoflook!! Waarom doe je toch altijd en overal knoflook in? Zo van dan smaakt het tenminste ergens naar? Zelfs in de boerenkool gaat verdorie nog een teentje knoflook!
In al mijn kook-boeken/bijbels uit de 50e/60e jaren (Haagsche huishuidschool,Ik kan koken e.v.a.)komt het woord knoflook niet eens voor.Vind knoflook een absolute smaakverpester en je gaat er ook nog heel naar van ruiken.Verder leuke rubriek hoor,leuke fotootjes,leest lekker weg.h. groet en laat eens wat horen.

Antwoord

Geen knoflook is zoooo 1950 …

Geen maaltijd zonder knof.. Zelfs overdrijven mag, zoals bij die heerlijke kip met 40 tenen.

Als je het niet lekker vindt laat je het toch gewoon weg?
Ik ruik nooit iemand die naar knoflook ruikt.. hoe zou dat komen?

Antwoord

Jeetje Pauline, is het echt zo erg met mij gesteld? Ik ben inderdaad dol op knof, niet ‘om er maar een smaakje aan te geven’, maar juist omdat het, mits goed gedoseerd, andere smaken ondersteunt. Ongetwijfeld ga ik er nu jij me erop geattendeerd heb op letten, en wie weet leidt dat tot minder knoflook in mijn recepten. Maar beloven kan ik niks. Behalve dat er deze week geen teentje aan te pas zal komen. Snoep met knoflook? Dat is zelfs een alliofiel als ik een brug te ver.

Antwoord

Reageer